Wat is juist: 'Er moet veel tijd besteed worden aan nieuwe opdrachten' of 'Er moet veel tijd besteedt worden aan nieuwe opdrachten'?

 

Juist is 'Er moet veel tijd besteed worden aan nieuwe opdrachten.'

Besteed is in deze zin een voltooid deelwoord, en die vorm eindigt op een d (zie de vervoegingsregel in het advies over 't kofschip(taxietje)). Als u twijfelt of het in de zin gaat om het voltooid deelwoord besteed, kunt u het proberen te vervangen door het voltooid deelwoord gegeven of geschonken: als dat kan, weet u dat besteed juist is. Meer voorbeelden van zinnen met het voltooid deelwoord besteed:

  • Omdat ze te veel aandacht had besteed aan de theorie, was er te weinig tijd over voor een praktisch onderzoek.
  • Hij heeft weinig geld besteed aan de inrichting van zijn kamer.
  • Sporten is aan mij niet besteed.

De vorm besteed is daarnaast de stam van het werkwoord besteden, en is daarmee ook de persoonsvorm van de tegenwoordige tijd die aansluit bij het onderwerp ik, óf bij het onderwerp jij/je als dat erachter staat. Ook kan het de gebiedende wijs zijn:

  • Ik besteed veel tijd aan mijn studie.
  • Besteed jij veel tijd aan je studie?
  • Besteed er maar niet te veel tijd aan.

Besteedt is de persoonsvorm van de tegenwoordige tijd die aansluit bij een onderwerp dat een tweede of derde persoon enkelvoud is: je/jij besteedt, hij/zij/het besteedt, Jan besteedt, de organisatie besteedt, etc. Aan de stam besteed moet voor deze persoonsvorm een t worden toegevoegd. Dit is goed te horen als je in de betreffende zin het werkwoord besteden vervangt door een ander werkwoord, bijvoorbeeld schenken. Vergelijk de volgende twee zinnen: 'Jan besteedt zijn geldprijs aan een goed doel' en  'Jan schenkt zijn geldprijs aan een goed doel.' In beide gevallen wordt achter de stam, besteed en schenk, een t toegevoegd. (Er is hier geen sprake van een voltooid deelwoord: geschonken en besteed passen hier niet.)

Andere werkwoorden waarbij het verschil tussen het voltooid deelwoord en de persoonsvorm van de tweede/derde persoon in de tegenwoordige tijd niet te horen, maar wel te zien is, zijn bijvoorbeeld bereiden, begeleiden, beantwoorden, beïnvloeden, verbranden en verspreiden.

  • Hij heeft een heerlijke maaltijd bereid.
  • Hij bereidt een heerlijke maaltijd.
  • Pieter heeft vele studenten begeleid.
  • Pieter begeleidt vele studenten.
  • De commissie heeft al onze vragen beantwoord.
  • De commissie beantwoordt al onze vragen.
  • Eddie Izzards stijl is beïnvloed door Monty Python.
  • Eddy Izzard beïnvloedt veel andere stand-up-comedians.
  • Chantal heeft de bewijzen verbrand.
  • Chantal verbrandt de bewijzen.
  • Het nieuws is verspreid door het secretariaat.
  • Het nieuws verspreidt zich snel.