Wat is juist: kosteloos of kostenloos?

Volgens de officiële spelling is kosteloos juist.

Officieel (voor wie bij de overheid of in het onderwijs werkt) geldt de regel dat afleidingen geen tussen-n krijgen. Woorden op -loos zijn afleidingen en krijgen daarom geen tussen-n: kosteloos, waardeloos, krachteloos etc.

Alternatieve spelling: kostenloos

Veel mensen associëren koste(n)loos met het meervoud kosten: zij vatten koste(n)loos (letterlijk) op als ‘zonder kosten’. Het is dan ook niet gek dat het woord vaak met een tussen-n geschreven wordt: ‘De computer wordt kostenloos bij u thuis bezorgd’ en ‘Met een annuleringsverzekering kunt u uw reis kostenloos annuleren.’ 

Wie niet verplicht is de officiële spelling te volgen, kan kiezen voor deze alternatieve, niet-officiële spelling kostenloos. Die is ook vermeld in de Spellingwijzer Onze Taal. 

Ontstaan van kosteloos

Kosteloos (‘gratis, vrij’) is hoogstwaarschijnlijk afgeleid van de enkelvoudsvorm kost. De betekenis is dan ‘wat voor iets betaald moet worden’. Denk ook aan de uitdrukking de kost gaat voor de baat uit (‘om winst of voordeel te kunnen behalen, moet men eerst kosten maken’). In België is kost in deze betekenis nog steeds gangbaar, in Nederland is het meervoud kosten veel gebruikelijker.

Afleidingen op -loos

Hieronder staan tientallen afleidingen op -loos. Links staat de spelling die de Spellingwijzer Onze Taal geeft, rechts de officiële spelling. Als er in het rijtje van de Spellingwijzer Onze Taal maar één vorm staat, betekent dit dat de andere vorm (erg) ongebruikelijk is.

alternatief (Spellingwijzer Onze Taal)   officiële spelling
achteloos   achteloos
ambteloos   ambteloos
argeloos   argeloos
bandeloos ('wild'), bandenloos ('zonder banden')   bandeloos (‘wild’ én ‘zonder banden’)
beseffeloos   beseffeloos
besluiteloos   besluiteloos
bewusteloos   bewusteloos
bloedeloos   bloedeloos
brodeloos   brodeloos
echteloos   echteloos
gedachteloos, gedachtenloos   gedachteloos
geesteloos   geesteloos
geldeloos   geldeloos
genadeloos   genadeloos
grenzeloos (‘uitermate’), grenzenloos (‘zonder grenzen’)   grenzeloos (‘uitermate’ én ‘zonder grenzen’)
grondeloos   grondeloos
gunsteloos   gunsteloos
handeloos, handenloos   handeloos
harteloos   harteloos
haveloos   haveloos
hoofdeloos   hoofdeloos
hopeloos   hopeloos
ideeëloos, ideeënloos   ideeëloos
kasteloos (‘niet tot een kaste behorend’), kastenloos (‘zonder kasten’)   kasteloos (beide betekenissen)
klasseloos   klasseloos
kosteloos, kostenloos   kosteloos
krachteloos   krachteloos
laveloos   laveloos
lusteloos   lusteloos
machteloos   machteloos
mateloos   mateloos
moedeloos   moedeloos
nameloos   nameloos
nodeloos   nodeloos
normeloos, normenloos   normeloos
normen-en-waardenloos   normen-en-waardenloos
nutteloos   nutteloos
punteloos, puntenloos   punteloos
rechteloos, rechtenloos   rechteloos
roekeloos   roekeloos
schaamteloos   schaamteloos
schadeloos   schadeloos
schromeloos   schromeloos
slapeloos   slapeloos
smakeloos   smakeloos
smarteloos   smarteloos
smetteloos   smetteloos
sprakeloos   sprakeloos
stateloos, statenloos   stateloos
stemmeloos   stemmeloos
sterreloos, sterrenloos   sterreloos
straffeloos   straffeloos
tandeloos, tandenloos   tandeloos
tomeloos   tomeloos
troosteloos   troosteloos
trouweloos   trouweloos
tuchteloos   tuchteloos
vormeloos   vormeloos
vruchteloos   vruchteloos
waardeloos (‘heel slecht’), waardenloos (‘zonder waarden’)   waardeloos (‘heel slecht’ én ‘zonder waarden’)
werkeloos   werkeloos
wolkeloos, wolkenloos   wolkeloos
woordeloos, woordenloos   woordeloos
zedeloos, zedenloos   zedeloos
zinneloos   zinneloos
zondeloos   zondeloos
zorgeloos   zorgeloos
zouteloos   zouteloos

In geheugenloos, gewetenloos, hersenloos, levenloos, meedogenloos, wapenloos en wezenloos staat er wel een n voor loos, maar dit is geen tussen-n. In deze woorden eindigt het eerste deel van zichzelf al op -en; de slot-n blijft staan als -loos erachter wordt gezet.