Altijd sommige bij verwijzing naar niet-personen

Er komt geen meervouds-n achter sommige als je ermee verwijst naar dingen, landen, steden, instanties, dieren, enz. die je eerder genoemd hebt. Kortom: als je niet naar personen verwijst. Een paar voorbeelden:

  • Je hebt vijf films uitgezocht, maar ik heb sommige al gezien.
  • Er zijn afdelingen die de deadline hebben gehaald, maar sommige is dat niet gelukt.
  • De meeste koeien waren aan het grazen en sommige lagen in de schaduw.

Sommigen bij verwijzing naar personen (zelfstandig gebruik)

Sommigen met een meervouds-n is goed als je ermee naar personen verwijst én als je het zelfstandig gebruikt. Met dat laatste is bedoeld: er staat geen zelfstandig naamwoord achter waar sommigen iets over zegt, en het is ook niet vlak daarvoor genoemd. Bijvoorbeeld:

  • We doen ons best, maar sommigen zijn nu eenmaal moeilijk tevreden te stellen.
  • Sommigen hebben nu eenmaal meer geduld dan anderen.

In sommigen van … en sommigen onder … heeft sommigen de voorkeur:

  • Sommigen van de bezoekers vertrokken al voor het middagprogramma.
  • Deze wandelaars gaan de finish wel halen, al hebben sommigen onder hen wel last van blaren.

Sommige bij verwijzing naar personen (niet-zelfstandig gebruik)

Er zijn twee gevallen waarin sommige wel naar personen verwijst, maar er toch geen meervouds-n achter komt. Het eerste geval zie je in zinnen als deze:

  • We doen ons best, maar sommige klanten zijn nu eenmaal moeilijk tevreden te stellen.
  • Sommige ouders hebben nu eenmaal meer geduld dan andere ouders.

In sommige klanten en sommige ouders worden de personen over wie sommige iets zegt, er direct achter genoemd. Dan voeg je geen -n toe, omdat sommige niet zelfstandig wordt gebruikt.

Het tweede geval waarin sommige goed is, is als je naar personen verwijst die net daarvoor zijn genoemd. Ook dan is sommige niet zelfstandig gebruikt. Bijvoorbeeld:

  • Niet alle collega’s hebben het nieuws al gehoord, maar sommige wel.
  • Er hebben veel sollicitanten via e-mail gereageerd op deze vacature. Sommige belden ook op.

Door hier sommige te schrijven (zonder -n) is de link met de eerdergenoemde personen duidelijker. Op zich is sommigen in deze zinnen ook mogelijk. Alleen maak je daarmee minder goed duidelijk of je nu alleen de collega’s en de sollicitanten bedoelt, of ook andere mensen:

  • Niet alle collega’s hebben het nieuws al gehoord, maar sommigen wel. (‘sommige mensen wel, onder wie misschien ook collega’s’)
  • Er hebben veel sollicitanten via e-mail gereageerd op deze vacature. Sommigen belden ook op. (‘sommige mensen, waarschijnlijk de sollicitanten die een e-mail hadden gestuurd’)

Twijfelgeval: wel of niet zelfstandig gebruikt?

Er zijn gevallen waarin het moeilijk is om te bepalen of je sommige of sommigen moet schrijven. Bijvoorbeeld deze alinea:

  • Meer dan veertig ouders zijn geïnterviewd. De eerste gesprekken vonden in september plaats en de laatste in oktober. Daarna werden de gegevens verwerkt. In januari kregen sommigen een uitnodiging voor een tweede interview.

Hier heeft sommigen de voorkeur. Het verwijst weliswaar naar ouders uit de eerste zin, maar dat woord staat ver weg. De lezer is het alweer een beetje kwijt, en vult het dus niet zo gemakkelijk in achter sommige.

Er is niet echt houvast te geven voor wannéér lezers ‘te ver’ moeten terugkijken en je dus het best de zelfstandige meervoudsvorm sommigen kunt gebruiken. Het is het best om bij jezelf na te gaan wat het prettigst leesbaar is.

Twijfelgeval: sommigen verwijst naar mensen of personen

Sommigen krijgt ook de voorkeur in deze zinnen:

  • Veel mensen hebben behoefte aan op reis gaan tijdens de vakantie, maar sommigen blijven juist liever thuis.
  • Er staan op dit adres tien personen ingeschreven, van wie sommigen er maar af en toe zijn.

Hoewel de meervouden mensen en personen eerder in de zin staan, krijgt sommigen hier toch een meervouds-n. Mensen en personen zijn namelijk zo algemeen dat je deze woorden niet achter sommige invult. Daarom past de zelfstandige meervoudsvorm sommigen het best in de zin.

Andere(n), beide(n), alle(n), vele(n), weinige(n), onder andere(n)

Hetzelfde verschil als tussen sommige en sommigen bestaat bij andere/anderen, vele/velen, weinige/weinigen, onder andere/anderen en enkele/enkelen. Je ziet het ook bij de langste/de langsten.

Bij alle(n) en beide(n) zie je dit verschil ook, maar bij deze woorden zijn de regels net iets anders.

Blij met deze uitleg?

Met een donatie van € 5 steun je Onze Taal. Bedankt!