Hoe luidt de officiële eed die bijvoorbeeld ambtenaren afleggen?

De officiële formulering van de eed is (in de huidige spelling): ‘Zo waarlijk helpe mij God almachtig.’ Er zijn diverse banen en functies die je pas kunt uitoefenen nadat je een belofte of eed hebt afgelegd. Dat geldt onder meer voor ambtenaren, advocaten, Kamerleden, de koning, militairen en politieagenten. Ook voor de rechtbank leggen getuigen een belofte of eed af. Wie de belofte doet, bevestigt die met ‘Dat beloof ik.’ Wie de eed zweert, eindigt met ‘Zo waarlijk helpe mij God almachtig.’ (Dit ligt vast in de Wet vorm van de eed.)

Wat er in de eed staat

Zo waarlijk, of in de oude spelling: zoo waarlijk, is een vaste combinatie. De woorden onderstrepen dat het werkelijk waar is – ‘waarlijk’ – wat je zegt. In oudere varianten van de tekst werd hier also gebruikt. Dat also zie je ook terug in de Engelse variant ‘So help me God.’

Helpe is een aanvoegende wijs. Die kan een wens, aansporing of toegeving uitdrukken – in dit geval de wens dat God iemand helpt bij het zorgvuldig uitoefenen van taken en verplichtingen.

God almachtig is een vaste verbinding die ‘almachtige God’ betekent. Almachtig (‘onbeperkt in macht’, ‘oppermachtig’) is een bijvoeglijk naamwoord, dat áchter het woord staat waar het bij hoort. In de Middeleeuwen was het nog gangbaar om een bijvoeglijk naamwoord ná het bijbehorende zelfstandig naamwoord te zetten. Vanaf de zestiende eeuw wordt dit steeds ongebruikelijker, maar in vaste verbindingen is deze volgorde soms bewaard gebleven. Andere voorbeelden zijn hemeltjelief, kindeke teer en meisje loos.

Versprekingen en herkomst

De eed is al zo oud dat de formulering niet altijd meer begrepen wordt. Dan gaat het mis en ontstaat bijvoorbeeld de variant ‘Zo ware helpe mij God almachtig’, of de verspreking ‘God allemachtig’.

Zo ware helpe mij is niet goed, want ware kan eigenlijk alleen maar een aanvoegende wijs zijn (in dit geval in de verleden tijd, van het werkwoord zijn), net als helpe. Dat levert geen grammaticaal juiste zin op.

God allemachtig is wel als uitroep of krachtterm in gebruik, maar in de eed is bedoeld dat God almachtig is.

‘Zo waarlijk helpe mij God almachtig’ is mogelijk een vertaling van een Latijnse formule uit de Middeleeuwen.