Het streepje na anti is verplicht in de volgende gevallen:

  • voor een woorddeel dat met een e, een i of een j begint: anti-epileptisch, anti-intellectueel, anti-jachtlobby;
  • voor een woorddeel dat met een hoofdletter begint: anti-Cruijff, anti-Duits, anti-Europees, anti-Joods, anti-Vietnamdemonstratie;
  • voor een (letter voor letter uitgesproken) afkorting: anti-tv-campagne, anti-zzp-klimaat.

Het streepje is in overige gevallen niet nodig, maar het mág wel gebruikt worden, bijvoorbeeld om een lang of ongebruikelijk woord beter leesbaar te maken. Je kunt bijvoorbeeld een demonstratie tegen racisme dus een antiracismedemonstratie noemen, maar ook een anti-racismedemonstratie, een antiracisme-demonstratie of een anti-racisme-demonstratie.

Veel mensen hebben geleerd dat na het voorvoegsel anti- een koppelteken komt. Maar dat is nooit een officiële regel geweest: in het Groene Boekje uit 1954 werden woorden als antisemitisch en antirevolutionair al zonder streepje geschreven, en dat is nog steeds zo. Wel zeggen de spellingregels dat je een koppelteken mag toevoegen om de leesbaarheid te bevorderen. 

Het streepje wordt ook vaak gebruikt om een tegenstelling duidelijker uit te drukken, zoals in anti-fiets (‘Zij is anti-fiets’ = ‘zij wil niet fietsen’), en anti-voetbal (‘Hij is erg anti-voetbal’ = ‘hij houdt niet van voetbal’) tegenover antivoetbal (‘extreem defensief voetbal’).

Toch nog een vraag?

Onze taaladviseurs staan elke werkdag voor je klaar. Neem contact op via

Bel 085 00 28 428 van 9.30 tot 12.00 uur (op donderdag tot 11.00 uur) en van 13.30 tot 16.00 uur Bel 085 00 28 428 van 9.30 tot 12.00 uur (op donderdag tot 11.00 uur) en van 13.30 tot 16.00 uur

(gebruikelijke belkosten, geen extra kosten)

Of stel je vraag via social media of per mail