Interim is Latijn voor ‘tussentijds’. Het hoort thuis in een rijtje woorden waarna een streepje komt, waaronder ex-niet-non-, oud-, adjunct-, aspirant-, bijna-, substituut-chef-, kandidaat-stagiair-, leerling-, assistent-, collega- en meester-. 

Het gaat bij interim- om iets wat tijdelijk, waarnemend, voorlopig is, bijvoorbeeld: interim-adviesinterim-bestuurinterim-voorzitter.

Interim kan (vooral in België) ook ‘uitzend-’ betekenen. Dan wordt het vast geschreven aan het woord waar het bij hoort. Bijvoorbeeld: interimarbeid, interimkantoor, interimwerk. In Nederland zijn uitzendbureau, uitzendwerk, enz. gangbaarder.

Blij met deze uitleg?

Met een donatie van € 2 steun je Onze Taal. Bedankt!

Toch nog een vraag?

Onze taaladviseurs staan elke werkdag voor je klaar

Bel 085 00 28 428 Bel 085 00 28 428

(gebruikelijke belkosten, geen extra kosten)

Of stel je vraag via social media of per mail

Interim- in de betekenis ‘tijdelijk, waarnemend, tussentijds, voorlopig’:

  • interim-aandeel
  • interim-advies
  • interim-akkoord
  • interim-bestuur
  • interim-contract ('tijdelijke aanstelling')
  • interim-directeur
  • interim-dividend
  • interim-kabinet
  • interim-rapport
  • interim-regeling
  • interim-regering
  • interim-uitkering
  • interim-verslag
  • interim-voorzitter

Interim in de betekenis ‘uitzend’:

  • interimbedrijf
  • interimbureau
  • interimcontract (‘uitzendcontract’)
  • interimjob
  • interimkantoor
  • interimwerk