Wanneer is verandert juist en wanneer veranderd?

Dat hangt van de zin af waarin je verandert/veranderd gebruikt. In bijvoorbeeld ‘Zij verandert ook nooit!’ is verandert goed. In ‘Ze is het afgelopen jaar erg veranderd’ is veranderd goed. 

Wanneer verandert?

  • Na het persoonlijk voornaamwoord je/jij (tweede persoon):
    • Jij verandert ook nooit!
    • Je verandert telkens van mening.
    • Let op je pensioen als je van baan verandert.
  • Voor en na het persoonlijk voornaamwoord u (de beleefde vorm van de tweede persoon):
    • U verandert ook nooit!
    • U verandert uw eetpatroon niet zomaar.
    • Verandert u weleens van gedachten?
    • Straks verandert u misschien nogmaals van baan.
  • Voor en na de persoonlijke voornaamwoorden hij / zij / het / men (derde persoon):
    • Hij verandert ook nooit!
    • Zij verandert de laatste tijd nogal.
    • Let op het weer; het verandert.
    • Men verandert niet graag van provider.
    • Verandert hij de toegangscode?
    • Wanneer verandert zij het wachtwoord?
    • Wacht maar, straks verandert het vanzelf
    • Hier verandert men zelden iets.
  • Voor en na een andere derde persoon – dat kunnen allerlei woorden zijn:
    • Iedereen verandert in de loop van zijn leven.
    • Joost verandert binnenkort van school. 
    • Wat verandert er voor u?
    • Verandert Arwen de regels?
    • In demografisch opzicht verandert Nederland sterk in de 21ste eeuw.

Deze zinnen staan allemaal in de tegenwoordige tijd en verandert is telkens de persoonsvorm (de werkwoordsvorm die zich aanpast aan het onderwerp).

In de tegenwoordige tijd enkelvoud is alléén de volgende vraag van belang: moet er een t achter de stam of niet? Het is ik verander en verander je/jij (zonder t); in de overige gevallen is het in het enkelvoud stam + t. Het is jij/hij maakt / loopt / organiseert / beweert / misleidt / aanvaardt / ... en dus ook: jij/hij verandert.

Wanneer veranderd?

Veranderd is het voltooid deelwoord van veranderen. Het voltooid deelwoord veranderd eindigt op een d, omdat de verleden tijd veranderde ook een d bevat. In de onderstaande zinnen is veranderd juist. Dat betekent dat een andere werkwoordsvorm de persoonsvorm is.

  • Ik ben van opvatting veranderd. (ben is de persoonsvorm)
  • Paula is erg veranderd. (is is de persoonsvorm)
  • Zijn de regels soms veranderd? (zijn is de persoonsvorm)’
  • Is Joost van school veranderd? (is is de persoonsvorm)
  • Hij heeft zomaar alle t’s in d’s veranderd (heeft is de persoonsvorm)