Wat is het verschil tussen een pleonasme en een tautologie?

De termen pleonasme en tautologie hebben allebei betrekking op het gebruiken van verschillende woorden die ongeveer hetzelfde betekenen (‘twee keer hetzelfde zeggen’). Als dat bewust en met een reden gebeurt, vallen pleonasmen en tautologieën onder de stijlfiguren. Als het overbodig is om twee keer hetzelfde uit te drukken, kun je van stijlfouten spreken.   

Pleonasme

Bij een pleonasme wordt een eigenschap die al onlosmakelijk aan een begrip verbonden is, ook benoemd door een ander woord. Voorbeelden van pleonasmen zijn een houten boomstam, gele boterbloemen, de hete zon en de uiterste limiet.

Het gaat meestal om een combinatie van een bijvoeglijk en een zelfstandig naamwoord, maar ook combinaties als weer hervatten, een verbetering ten goede, verplicht zijn autogordels te moeten dragen, in staat zijn een brief te kunnen schrijven en gehandhaafd blijven worden wel pleonastisch genoemd.

Tautologie

Bij een tautologie wordt hetzelfde begrip tweemaal genoemd. Vaak gaat het daarbij om twee bijvoeglijke naamwoorden, twee zelfstandige naamwoorden of twee bijwoorden: gratis en voor nietsdaarnaast en ook in één zin. Voorbeelden van tautologieën die vaak als fouten worden gezien:

  • Niettemin ben ik toch tevreden.
  • We wisten dit reeds weken al.
  • Misschien hebben ze wellicht een oplossing.
  • Natuurlijk zullen we vanzelfsprekend snel reageren.
  • Vermoedelijk moet je misschien een ander nummer bellen.
  • Ik ben haast bijna op kantoor.
  • We hebben nog circa 100 à 150 exemplaren.
  • Daarom is het dan ook zo belangrijk.
  • Want dat is immers duidelijk.
  • Voordat u zich inschrijft, moet u eerst de voorwaarden lezen.
  • Maar dat is echter niet waar.
  • Tot dusver hebben we dit niet eerder gezien.
  • Naast bloemen kreeg ik bovendien een boekenbon.

Niet fout

Pleonasmen en (vooral) tautologieën zijn lang niet altijd ‘fout’. Een schrijver gebruikt ze vaak bewust als stijlfiguur, om ergens extra nadruk op te leggen. Het pleonasme lange slungel klinkt bijvoorbeeld extra lang en kwaadwillige laster extra erg. Ingeburgerde tautologieën zijn bijvoorbeeld enkel en alleen en geheel en al.

Oefenen?

 

Voorbeelden van ingeburgerde pleonasmen en tautologieën

Ingeburgerde tautologieën zijn bijvoorbeeld:

  • altijd en eeuwig
  • blij en verheugd
  • eenzaam en verlaten
  • gratis en voor niets
  • never nooit (niet)
  • nooit ofte nimmer
  • open en bloot
  • met pracht en praal
  • vast en zeker 
  • wikken en wegen
  • wis en waarachtig

Ingeburgerde pleonasmen zijn bijvoorbeeld:

  • aanwezige bezoekers
  • achteraf evalueren
  • als eerste beginnen
  • beoogde doelgroep
  • bestaande gewoonten/rituelen
  • blauwe smurf
  • bloeiende bloesem
  • gedwongen zijn iets te moeten doen
  • genoodzaakt zijn iets te moeten doen
  • gewoonlijk iets plegen te doen
  • gratis cadeau/geschenk/welkomstgeschenk
  • grote reus
  • hardop voorlezen
  • houten plank
  • internationaal verdrag
  • kwaadwillige laster
  • lange slungel
  • mondeling bespreken
  • naar beneden dalen
  • naar elders vertrekken
  • nieuwe aanwinst
  • nog eens herhalen
  • noodzakelijke behoefte
  • omlaag vallen
  • opnieuw herhalen
  • opzettelijk uitlokken
  • optische lichtsignalen
  • oude grijsaard / oud opaatje / oud omaatje
  • overtollige ballast
  • permissie vragen om iets te mogen doen
  • praktische ervaring
  • ronde bal
  • ronde cirkel
  • ruiters te paard
  • tot later uitstellen
  • tijdelijk opschorten
  • toekomstplannen
  • toestemming vragen/hebben om iets te mogen doen
  • uiterste limiet
  • valse voorwendsels
  • een vaste standaardterm
  • verwachten dat iets in de toekomst zal gebeuren
  • vierkante hectare
  • vieze stank
  • vooraf waarschuwen
  • waardeloos prul
  • wederzijdse overeenkomst
  • weer herhalen
  • weer hervatten