Wat is juist: ‘Anne noch Myra had het gezien’ of ‘Noch Anne, noch Myra had het gezien’?

Het is allebei goed. In ‘Noch Anne, noch Myra had het gezien’ is extra duidelijk dat ze het echt geen van beiden hadden gezien. ‘Anne noch Myra had het gezien’ is iets neutraler.

De Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS, 1997) noemt noch ... noch een ‘reeksvormer’. Dat wil zeggen dat er eindeloos veel nochs kunnen worden toegevoegd. Andere reeksvormers zijn en ... en, of ... of en zowel ... als.

In de zin ‘Anne noch Myra had het gezien’ is noch een voegwoord. Het verbindt de leden van de opsomming aan elkaar én het voegt er een ontkenning aan toe (‘en .... ook niet’). Het nadeel van het gebruik van het voegwoord noch is dat de lezer soms even op het verkeerde been wordt gezet. Bijvoorbeeld: ‘Meike lust appels, peren, sinaasappels, druiven noch kiwi’s.’ Doordat noch pas laat in de zin opduikt, ziet de lezer pas laat dat de zin gaat over dingen die Meike níét lust. Herhalen van noch is dan duidelijker: ‘Meike lust noch appels, noch peren, noch sinaasappels, noch druiven, noch kiwi’s.’ Die herhaling van noch legt veel nadruk op wat Meike allemaal niet lust. Als dat niet nodig is, is ‘Meike lust geen appels, peren, sinaasappels, druiven of kiwi’s’ beter.

Aan het voegwoord noch kan een andere ontkenning voorafgaan, maar die ontkenning kan er niet onmiddellijk vóór staan.

  • Ik lust geen kiwi’s noch bramen. (geen goede zin)
  • Het is niet origineel noch grappig. (geen goede zin)
  • Ik lust geen kiwi’s moet je weten, noch bramen. (mogelijke zin)
  • Het is niet origineel - het is zelfs heel bekend - noch grappig. (mogelijke zin)
  • Ik hou niet van kiwi’s, noch van bramen en bessen. (goede zin)
  • Ik hou in het algemeen niet zo van fruit, noch van rauwe groenten. (goede zin)

Noch komt ook voor in de vaste uitdrukkingen kind noch kraai hebben, geld noch goed hebben, heg noch steg weten, boe noch bah zeggen, dat raakt kant noch wal, vlees noch vis zijn, van toeten noch blazen weten, kop noch staart hebben, daar zit kraak noch smaak aan, paal noch perk kennen, rust noch duur hebben (of kennen) en ik heb er part noch deel aan.

Noch is iets anders dan nog!

Let op: soms wordt noch verward met nog. Nog is echter geen ontkennend woord. Het komt voor in zinnen als:

  • Dat weet ik nog wel. (‘ik ben het niet vergeten’)
  • Het gaat nog niet zo goed. (‘op dit moment’)
  • Wacht nog even! (‘heel even’)
  • Wil je nog koffie? (‘meer’)
  • Nog een paar weken en dan ben je vrij. (‘over een paar weken’)