Kunnen dat en als direct naast elkaar staan in een zin?

Ja, dat en als kunnen naast elkaar staan, bijvoorbeeld in deze zin: ‘Ik vind dat als je de kans krijgt, je het zeker moet doen!’

Na ik vind begint een bijzin, ingeleid door het voegwoord dat. Na dat begint meteen een tweede bijzin, ingeleid door het voegwoord als. De als-bijzin eindigt na krijgt. Daarna wordt pas de dat-bijzin afgemaakt, die eindigt met doen. Er staat dus een bijzin ín een andere bijzin.

Meer voorbeelden:

  • Het is logisch dat als jij het in de zomer al warm hebt, je hond of je kat het met z’n vacht nog warmer heeft.
  • Uit onderzoek blijkt dat als werknemers meer dan drie dagen per week thuiswerken, hun betrokkenheid bij het bedrijf afneemt.

Deze constructie met dat als wordt in het onderwijs soms dat-als-constructie genoemd, maar dat is geen standaard grammaticaal begrip.

Correct maar moeilijk

Dit soort zinnen zijn grammaticaal correct. Je kunt in het Nederlands een bijzin beginnen en daarin een andere bijzin inbedden. Maar dat-als-constructies zijn voor veel lezers wel moeilijk, omdat ze een groot beroep doen op het kortetermijngeheugen. Lezers moeten onthouden hoe de zin is begonnen terwijl ze de informatie in de tweede bijzin verwerken. Pas daarna komt de informatie die bij het begin van de zin aansluit.

Duidelijker zonder dat als

Hoe kun je dat-als-zinnen duidelijker maken? Je kunt de als-zin bijvoorbeeld helemaal vooraan zetten, of helemaal achteraan. De als-zin is soms ook te vervangen door dan of in dat geval.

Duidelijker zijn bijvoorbeeld:

  • Als je de kans krijgt, moet je het zeker doen, vind ik.
  • In de zomer heb jij het al warm. Dan is het logisch dat je hond of je kat het met z’n vacht nóg warmer heeft.
  • Uit onderzoek blijkt dat de betrokkenheid bij het bedrijf afneemt als werknemers meer dan drie dagen per week thuiswerken.