Wat voor zinsdeel is mooie in ‘Hij heeft een mooie fiets’?

Mooie is hier een bijvoeglijke bepaling bij fiets. Mooie maakt in deze zin deel uit van het lijdend voorwerp een mooie fiets.

Altijd deel van een ander zinsdeel

Een bijvoeglijke bepaling is een bepaling die meer informatie geeft over een zelfstandig naamwoord (zoals fiets). Bijvoeglijke bepalingen zijn nooit een zelfstandig zinsdeel, maar maken altijd deel uit van een ander zinsdeel, zoals het onderwerp of lijdend voorwerp. Zo is in de zin ‘Mijn sportieve buurvrouw heeft een mooie fiets’ mijn sportieve buurvrouw het onderwerp en een mooie fiets het lijdend voorwerp. Binnen deze voorwerpen zijn mijn en sportieve bijvoeglijke bepalingen bij buurvrouw en is mooie een bijvoeglijke bepaling bij fiets.

Voorbepalingen en nabepalingen

Vaak staan bijvoeglijke bepalingen vóór het woord of de woordcombinatie waar ze bij horen (dit heet: attributief gebruik). Dan kun je ze ook voorbepalingen noemen. Bijvoeglijke bepalingen zijn meestal bijvoeglijke naamwoorden (sportief, mooi), bezittelijke voornaamwoorden (mijn, jouw) en telwoorden (drie, veel). Het is ongebruikelijk (niet-zelfstandige) aanwijzende voornaamwoorden (deze, die, dit, dat, zulke, zo’n, dergelijke) en lidwoorden (de, het, een) als bijvoeglijke bepaling te benoemen, maar het zou eventueel kunnen. Bijvoorbeeld ‘Zulke smoesjes hebben de meeste leerkrachten meteen door.’ Normaal gesproken benoemen we in deze zin alleen het telwoord meeste als bijvoeglijke bepaling.

Ook woordgroepen met van kunnen een bijvoeglijke bepaling zijn, bijvoorbeeld: ‘de fiets van de buurvrouw’. Van de buurvrouw staat nu ná het woord waar het betrekking op heeft (dit heet: predicatief gebruik). Je kunt van de buurvrouw ook een nabepaling noemen.

In enkele gevallen is een zelfstandig naamwoord een bijvoeglijke bepaling. Bijvoorbeeld: ‘Wij bestelden drie koppen koffie en drie stukken appeltaart.’

Voorbeelden

Enkele voorbeelden (de bijvoeglijke bepalingen zijn gecursiveerd):

  • De hele zaal was ontroerd door de prachtige uitvoering.
  • Ze dronk drie glazen Italiaanse wijn. (drie glazen is een bijvoeglijke bepaling bij Italiaanse wijn; daarbinnen is drie een bijvoeglijke bepaling bij glazen; Italiaanse is een bijvoeglijke bepaling bij wijn)
  • Mijn tante zorgt voor de kat van de buren
  • Wat een prachtige open haard! (open is een bijvoeglijke bepaling bij haard en prachtige is een bijvoeglijke bepaling bij open haard)
  • Hij heeft een mooie, nieuwe fiets. (mooie en nieuwe zijn bijvoeglijke bepalingen bij fiets)

Bijvoeglijke bijzin

De bijvoeglijke bepaling kan ook de vorm van een bijzin hebben. Dan spreken we van een bijvoeglijke bijzin:

  • De man die daar woont, koopt elke dag drie losse kranten.
  • Emma zag haar broer, die in het buitenland had gewoond, voor het eerst in jaren weer terug.

Bijstelling

Een bijzonder geval is de bijstelling. Bijstellingen geven een omschrijving, uitleg of alternatieve aanduiding van de naamwoordgroep waar ze bij horen. Ook deze worden beschouwd als bijvoeglijke bepalingen.

  • De burgemeester van Amsterdam, Femke Halsema, was vroeger lijsttrekster van GroenLinks.
  • De oude dame droeg haar mooiste juwelen, een gouden ketting met bijpassende oorbellen, alleen op feestdagen.

De bekende schrijver x

Ook in de zin ‘De bekende kinderboekenschrijver Paul van Loon signeert volgende week zijn nieuwe boek’ staat een bijvoeglijke bepaling (de bekende kinderboekenschrijver). Deze constructie lijkt wel wat op een bijstelling, maar is het niet. Dat is vooral te horen aan de intonatie van de zin: een bijstelling wordt altijd op wat lagere toon uitgesproken, en soms is een korte pauze hoorbaar. In een constructie als ‘de bekende kinderboekenschrijver Paul van Loon’ is dat niet het geval.