Wat is juist: 'Dat is een afdoend antwoord' of 'Dat is een afdoende antwoord'?
 

 

Juist is: 'Dat is een afdoend antwoord.'

Als een bijvoeglijk naamwoord bij een enkelvoudig het-woord hoort, en als een als lidwoord wordt gebruikt, komt er geen -e achter het bijvoeglijk naamwoord: 'het goede antwoord' – 'een goed antwoord'. Ook afdoend is een bijvoeglijk naamwoord, dat deze regels volgt.

Van oorsprong is afdoend een werkwoordsvorm: het is het zogenoemde tegenwoordig deelwoord van afdoen in de betekenis 'geschikt zijn om iets af te maken, beslissen'. De meeste mensen vatten het echter niet meer als werkwoordsvorm op.

In de uitdrukking 'Dat is afdoend(e)' kunt u wél kiezen tussen afdoend en afdoende. Daaruit blijkt dat afdoend toch nog wat trekjes van een werkwoord heeft; die eindigen in dergelijke constructies op -de ('Het onderzoek is gaande'). Meer informatie hierover vindt u in de Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS, 1997).