Er zijn 1737 resultaten voor ‘’ gevonden
Hoe gebruik je het voorzetsel in?
Is het ‘Op straat spelen kinderen’ of ‘Op straat spelen er kinderen’?
Wat is juist: ‘Hoe heeft dit kunnen gebeuren’ of ‘Hoe is dit kunnen gebeuren’?
Is er verplicht of niet in de zin: ‘Nu is (er) sprake van winst’?
Wat is goed: ‘Er wordt aan de plannen gewerkt’ of ‘Er worden aan de plannen gewerkt’?
Wanneer gebruik je er?
Kun je er weglaten in de zin ‘Gelukkig is er hoop’?