Typfouten, spelfouten en taalfouten zijn drie soorten fouten die in teksten kunnen voorkomen. Het gaat in alle gevallen om het ‘zondigen’ tegen de taalnormen. Dat kunnen de spellingregels zijn, die officieel zijn vastgelegd, maar ook andere regels die de meeste mensen aanhouden, ook al staan ze in geen enkele officiële bron.

Typfouten

Typfouten (ook wel tikfouten) zijn foutjes die per ongeluk gemaakt worden tijdens het typen van een tekst. Voorbeelden zijn: vna in plaats van van en excaleren in plaats van escaleren. De spellingcontrole herkent dit soort fouten over het algemeen goed.

Spelfouten

Spelfouten hebben een andere oorsprong: dit zijn ‘overtredingen’ van de spellingregels: korte termijnplanning in plaats van kortetermijnplanning of onmiddelijk in plaats van onmiddellijk. Hoewel ook deze fouten veelal onbewust worden gemaakt, is er toch een verschil met typfouten. Wie vna typte, weet heus wel dat het van moet zijn, maar lette even niet op. Wie korte termijnplanning schrijft, weet mogelijk niet dat dit een samenstelling is en dat het dus kortetermijnplanning moet zijn.

Taalfouten

Bij taalfouten gaat het bijvoorbeeld om verkeerd gebruikte woorden, of grammaticale fouten. Voorbeelden zijn: ‘Het meisje die daar loopt, ken ik niet’ (die moet volgens de taalnorm dat zijn), ‘Ze verhuist omdat ze heeft een nieuwe baan’ (verkeerde woordvolgorde), ‘Mag ik even interveniëren?’ (bij het onderbreken van een rustig gesprek – hier is interrumperen beter) of ‘Ik houd van koffie en even pauze’ (dit is een foutieve samentrekking).

De meningen zijn verdeeld over de vraag of spelfouten ook altijd taalfouten zijn. Voor veel mensen is spelling een wezenlijk onderdeel van de taal, en zijn spelfouten dus ook taalfouten. Maar je kunt ook zeggen dat spelling ‘alleen maar’ een afspraak is over de weergave van gesproken taal, en dat alleen fouten als in de alinea hier direct boven ‘taalfouten’ zijn.

Sommige fouten bevinden zich op de scheidslijn van spel- en taalfouten, denk daarbij aan fouten in de werkwoordspelling. Er is redelijk wat grammaticakennis voor nodig om dat goed te doen (je moet bijvoorbeeld weten wat een persoonsvorm is en je moet het onderwerp van de zin kunnen herkennen). Toch lijkt het hier eerder om spel- dan om taalfouten te gaan. Dat geldt zeker voor het schrijven van vormen als opend en werdt – waarbij geen woordsoorten verward worden, maar spellingregels verkeerd worden toegepast. Ook een veelgemaakte fout als me moeder is eerder een spelfout dan een taalfout. Het is niet zo waarschijnlijk dat iemand hier het persoonlijk voornaamwoord me en het bezittelijk voornaamwoord mijn door elkaar heeft gehaald. Vermoedelijk is me een fonetische weergave van mijn – in de spreektaal klinkt mijn immers al snel als me.

In drukwerk wordt ook nog wel gesproken over zetfouten of drukfouten: dat zijn fouten die ontstaan zijn bij het opmaken, zetten en drukken van een tekst. Vroeger werd een tekst door de loodzetter letter voor letter uit de letterbak gehaald en in een letterhaak gelegd (het letterzetten). Daarbij werden natuurlijk weleens fouten gemaakt. Door de digitalisering van het drukproces komen echte druk- of zetfouten weinig meer voor, maar de term is nog niet verdwenen.

Toch nog een vraag?

Onze taaladviseurs staan elke werkdag voor je klaar. Neem contact op via

Bel 085 00 28 428 van 9.30 tot 12.00 uur (op donderdag tot 11.00 uur) en van 13.30 tot 16.00 uur Bel 085 00 28 428 van 9.30 tot 12.00 uur (op donderdag tot 11.00 uur) en van 13.30 tot 16.00 uur

(gebruikelijke belkosten, geen extra kosten)

Of stel je vraag via social media of per mail