‘Zij zijn allebei historicus/historici.’ Moet het laatste woord hier in het enkelvoud of in het meervoud staan?

Dat is allebei mogelijk. Het enkelvoud historicus vestigt de nadruk op het beroep. Bij het meervoud historici gaat het meer om de afzonderlijke personen.

Beroepen, functies, rollen, nationaliteiten en levensbeschouwingen blijven vaak in het enkelvoud staan, ook als het onderwerp van de zin meervoudig is. Het enkelvoud legt de nadruk op een kenmerkende hoedanigheid.

  • Ze zijn allebei historicus in Groningen.
  • Beiden zijn huisarts, hun vrienden taalkundige.
  • Ik dacht dat ze moslim waren.

Door een meervoud te gebruiken, verschuift de aandacht naar de afzonderlijke individuen met een bepaald beroep of een bepaalde overtuiging. De zinnen klinken soms iets minder objectief-beschrijvend dan de zinnen met het enkelvoud.  

  • Ze zijn allebei historici, maar weten bitter weinig over politiek.
  • Ze waren toen nog fanatieke communisten.