Het echtpaar en zijn kind

In ‘Het echtpaar was idolaat van zijn kind’ is zijn grammaticaal gezien mogelijk: het bezittelijk voornaamwoord zijn verwijst naar het het-woord echtpaar. Toch krijgt deze zin niet de voorkeur in het Nederlands.

Het echtpaar en hun kind

In ‘Het echtpaar was idolaat van hun kind’ lijkt de meervoudsvorm hun op het eerste gezicht niet te passen bij het echtpaar. Toch is deze zin goed. Je kunt dus met het meervoudige bezittelijk voornaamwoord hun verwijzen naar een enkelvoudig woord het echtpaar. Dat komt doordat je meteen denkt aan de twee personen waaruit het echtpaar bestaat.

Hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld ‘De bevolking kwam in opstand toen hun loon werd gehalveerd.’ Hun verwijst hier, net als in de bovenstaande zin, naar de personen die bedoeld zijn met het verzamelbegrip de bevolking. Dit noem je ‘buitentekstelijke verwijzing’: je verwijst met hun naar de mensen om wie het gaat, ook al staat zo’n meervoudig woord mensen niet letterlijk in de tekst zelf. Dat komt vaker voor bij begrippen als bevolking, bestuur, delegatie, gemeenteraad, het (echt)paar en het stel, want hier zijn altijd meer personen mee bedoeld.

Nog een paar voorbeelden (uit de Algemene Nederlandse Spraakkunst):

  • Het was niet zo leuk voor het bestuur, maar uw correspondent zat te ver weg om hun gezichten te zien.
  • Het prinselijk paar en hun kinderen brachten een bezoek aan de dierentuin.
  • In Bonn is een delegatie van het Poolse parlement gearriveerd, voor besprekingen met hun Duitse collega’s.

Het echtpaar dat zich heeft aangemeld

In een zin als ‘Daar staat het echtpaar die zich als eerste hebben aangemeld’ kun je dan weer niet goed het meervoud die en hebben gebruiken. Beter is: ‘Daar staat het echtpaar dat zich als eerste heeft aangemeld.’ Dat is hier een betrekkelijk voornaamwoord. Als je met een betrekkelijk voornaamwoord verwijst naar een enkelvoudig het-woord, zoals het echtpaar, gaat de voorkeur uit naar dat. Je kijkt dan dus niet naar de meervoudige betekenis, maar naar het woordgeslacht van het woord.

Ook ‘Daar staat het echtpaar die zich heeft aangemeld’ (met het enkelvoud heeft), geldt als een fout volgens de taalnorm.

Blij met deze uitleg?

Met een donatie van € 5 steun je Onze Taal. Bedankt!