Wat is juist: de aangeraden route of de aangerade route?

De aangeraden route is juist. 

Aangeraden is het voltooid deelwoord van aanraden. Bijvoorbeeld: ‘Zij heeft die route aangeraden’, ‘Die route kreeg ik aangeraden.’ (Het is niet aangeraad: aanraden is een onregelmatig, sterk werkwoord.) Als aangeraden als een bijvoeglijk naamwoord wordt gebruikt, blijft de n aan het einde staan: de aangeraden route. Er komt geen -e achter; je zegt niet ‘de aangeradene route’.

De algemene regel is: bijvoeglijke naamwoorden die op -en eindigen, houden -en aan het einde en krijgen geen buigings-e. Het is bijvoorbeeld ook de houten lepeleen effen stofeen zilveren tientje en gescheiden ouders.

Oefenen met aangerade/aangeraden en gebakken/gebakke

Voorbeelden

Hieronder staat een lijst voorbeelden van werkwoorden met een voltooid deelwoord op -en (er zijn er overigens veel meer). Er staat telkens een voorbeeld achter waarin het voltooid deelwoord als bijvoeglijk naamwoord wordt gebruikt. 

  • aanbevelen - aanbevolen: de aanbevolen dosering
  • aanbidden - aanbeden: de aanbeden actrice
  • aanbraden - aangebraden: de aangebraden kippenpoten
  • aanschrijven - aangeschreven: de aangeschreven minister
  • aanwijzen - aangewezen: de aangewezen persoon
  • afbakken - afgebakken: de afgebakken broodjes
  • bekijken - bekeken: de bekeken huizen
  • bespreken - besproken: de besproken mogelijkheden
  • bijhouden - bijgehouden: de bijgehouden voorraad
  • breken - gebroken: een gebroken ruit
  • dwingen - gedwongen: de gedwongen opname
  • ervaren - ervaren: de ervaren bijwerkingen
  • fijnsnijden - fijngesneden: de fijngesneden peterselie
  • gieten - gegoten: de gegoten beelden
  • graven - gegraven: de gegraven kuil
  • heruitgeven - heruitgegeven: het heruitgegeven boek
  • inroepen - ingeroepen: de ingeroepen hulp
  • inwrijven - ingewreven: de ingewreven olie
  • kapotvallen - kapotgevallen: de kapotgevallen glazen
  • leegdrinken - leeggedronken: een leeggedronken blikje bier
  • neerschieten - neergeschoten: de neergeschoten overvaller
  • omstoten - omgestoten: de omgestoten beker
  • onderscheiden - onderscheiden: de onderscheiden winnares
  • ontspannen - ontspannen: een ontspannen collega
  • ontvangen - ontvangen: het ontvangen salaris
  • prijsgeven - prijsgegeven: het prijsgegeven geheim
  • slinken - geslonken: de geslonken voorraad
  • stilhouden - stilgehouden: een stilgehouden afspraak
  • tegenvallen - tegengevallen: de tegengevallen vakantie
  • toezenden - toegezonden: het toegezonden materiaal
  • uitladen - uitgeladen: de uitgeladen dozen
  • uitsteken - uitgestoken: de uitgestoken hand
  • verbannen - verbannen: de verbannen koning
  • verstrijken - verstreken: de verstreken termijn
  • volladen - volgeladen: een volgeladen bord
  • vollopen - volgelopen: het volgelopen bad
  • wegkruipen - weggekropen: het weggekropen katje
  • werven - geworven: de geworven personeelsleden
  • zouten - gezouten: de gezouten vis
  • zwemmen - gezwommen: de gezwommen afstand