Vrij hebben komt ongeveer op hetzelfde neer als vrijaf hebben of verlof hebben. De uitspraak ‘Ik heb morgen vrij’ drukt uit dat de ik-persoon normaal gesproken wél iets te doen zou hebben gehad, maar dat die (vaste) afspraak of dienst die dag vervalt.

Met ‘Ik ben morgen vrij’ laat iemand in feite alleen maar weten dat die morgen geen (werk)verplichtingen heeft – ongeacht of dat de normale gang van zaken is of niet.

In veel situaties komt het op hetzelfde neer. Toch kan er soms een contextueel verschil zijn, bijvoorbeeld in dit geval:

  • Aanstaande maandag zijn de kinderen vrij van school.
    (Zo’n zin gebruik je vooral als het om een dag gaat waarop het logisch is – of op zijn minst te verwachten valt – dat er geen school is, zoals een feestdag.)
  • Aanstaande maandag hebben de kinderen vrij van school.
    (Dit duidt meer op een onverwachte of uitzonderlijke situatie, bijvoorbeeld als er een dag uitvalt.)

Andere betekenis van vrij zijn

Vrij zijn kan ook een andere betekenis hebben, namelijk ‘niet onderhevig zijn (aan), gespaard blijven (van)’:

  • Na de examens zijn ze eindelijk vrij van verdere schoolterreur.
  • Mijn ouders zijn gelukkig vrij gebleven van corona.

Toch nog een vraag?

Onze taaladviseurs staan elke werkdag voor je klaar. Neem contact op via

Bel 085 00 28 428 van 9.30 tot 12.00 uur (op donderdag tot 11.00 uur) en van 13.30 tot 16.00 uur Bel 085 00 28 428 van 9.30 tot 12.00 uur (op donderdag tot 11.00 uur) en van 13.30 tot 16.00 uur

(gebruikelijke belkosten, geen extra kosten)

Of stel je vraag via social media of per mail