Wat is goed: hé of hè?
Hé en hè zijn allebei goed, maar betekenen en klinken niet hetzelfde. Hé hoort bij de uitspraak ‘hee’. Hè hoort bij de uitspraak met een korte e, zoals de e in heg.
Uitspraaktekens
De accenten op hé en hè zijn uitspraaktekens. Ze geven aan hoe je de letter e moet uitspreken: lang (zoals in heet) of kort (zoals in heg). Of je hé of hè moet schrijven, hangt dus af van wat je bedoelt. Bijvoorbeeld:
- Hé, jij, kom eens hier! (lange e)
- Je komt toch wel op tijd, hè? (korte e)
In sommige zinnen zijn twee uitspraken denkbaar:
- Hé, hoe kan dat nou? (lange e)
- Hè, hoe kan dat nou? (korte e)
Accent grave: hè, scène, bèta
Het accent grave ( ` ) geeft aan dat je de e in een open lettergreep ‘kort’ moet uitspreken, zoals in heg of gek. Het staat meestal in woorden van Franse herkomst: scène, ampère, misère. Ook in Griekse woorden als bèta en thèta komt het accent grave voor.
Bovendien komt het soms in Nederlandse of vernederlandste woorden voor om de juiste uitspraak van de letter e aan te geven, zoals in hè en blèren.
Accent aigu: hé, café, privé
Het accent aigu ( ´ ) laat zien dat je de e ‘lang’ moet uitspreken, zoals in heet of mees. Het komt in het Nederlands vooral voor in woorden van Franse herkomst, zoals privé, café en logé. Ook in saté, taugé, oké en hé – die niet uit het Frans komen – heb je het accent aigu nodig om de juiste uitspraak aan te geven.
Accent aigu ook nadrukteken: vóór, wél
Het accent aigu fungeert niet alleen als uitspraakteken, maar ook als nadrukteken of klemtoonteken. Bijvoorbeeld:
- Vóór de vergadering heb ik geen tijd; ik bel je daarna wel.
- Het beleid is wél zinvol.
Het heeft dus een ‘dubbelfunctie’. In woorden als hé maakt het de e lang, in een woord als wél laat het alleen nadruk zien – je spreekt wél niet uit als ‘weel’.
Blij met deze uitleg?
Met een donatie van € 5 steun je Onze Taal. Bedankt!