Iemand die sterk is, kun je een sterke mens noemen, maar een sterk mens is veel gebruikelijker. In België ligt dat iets anders: daar komt een sterke mens wél geregeld voor.

In de betekenis ‘exemplaar van de menselijke soort’, ‘persoon’, ‘individu’ is de mens goed. Als je vóór een de-woord een bijvoeglijk naamwoord zet, zoals sterk, komt daar gewoonlijk een buigings-e achter. Daarom ligt een sterke mens op het eerste gezicht het meest voor de hand, net als een sterke vrouw, een sterke zet, een sterke toename, enz. Het is dus bijzonder dat een sterk mens gebruikelijker is. Nog een paar voorbeelden:

  • Ze was een goed mens.
  • Mijn tante was een eerlijk mens.
  • Uit de geschiedenis is duidelijk geworden dat hij een slecht mens was.

Een sterk(e) persoon, man

Ook bij de woorden persoon en man blijft de buigings-e vaak weg:

  • Een sterk persoon kan dit wel optillen.
  • Er is altijd wel een aardig persoon om je de weg te wijzen.
  • Jouw opa is een oud en wijs man.

Bij man kan er wel een betekenisverschil ontstaan door het weglaten van de buigings-e. Zie daarvoor onze uitleg over een groot / grote man.

Een sterk iemand

Als het bijvoeglijk naamwoord voor iemand staat, krijgt het ook geen -e:

Blij met deze uitleg?

Met een donatie van € 5 steun je Onze Taal. Bedankt!

Het mens: ‘die rare/stomme/arme vrouw’

Het mens slaat vaak op een vrouw. Vaak heeft het mens een negatieve of medelijdende bijklank, maar dat hoeft niet.

  • Ik kan dat arrogante mens niet uitstaan! (negatief)
  • Het arme mens heeft ook altijd pech. (medelijdend)
  • Dat geweldige mens wil ik wel in mijn team!

Er komt bij het-woorden geen buigings-e achter het bijvoeglijk naamwoord na het lidwoord een. 

  • Ze is echt een geweldig mens.
  • Wat een mooi mens is dat!