Is zij of hen juist in 'Ook zij/hen die binnenkort afstuderen, nodig ik uit'?

Juist is 'Ook hen die binnenkort afstuderen, nodig ik uit.'

Bij uitnodigen hoort een lijdend voorwerp: 'Ik nodig hen uit.' In de voorbeeldzin is dat wat minder duidelijk, doordat het lijdend voorwerp gevolgd wordt door een bijzin (die binnenkort afstuderen). Zij kan uitsluitend als onderwerp voorkomen. Dat zij in de voorbeeldzin niet klopt, blijkt als de bijzin met die wordt weggelaten: 'Zij nodig ik uit' is fout. Wél juist is bijvoorbeeld: 'Ook zij die binnenkort afstuderen, kunnen solliciteren naar deze functie.' Hier is zij immers het onderwerp.

Ook na een voorzetsel komt vaak zij voor waar het hen moet zijn. Het is bijvoorbeeld 'Voor hen die meewerken, is een bonus beschikbaar'; zij is hier niet juist. 

Een goed alternatief in dit soort zinnen is het woord degenen: 'Ook degenen die binnenkort afstuderen, nodig ik uit', 'Voor degenen die meewerken, is een bonus beschikbaar.'