Welk voorzetsel is juist in 'Ik woon op/aan/in de Herenstraat'?

Op, aan en in zijn alle drie goed in combinatie met een straatnaam die op -straat eindigt: op de Herenstraat, aan de Herenstraat, in de Herenstraat.

Bij veel straatnamen die iets relatief ruims of breeds aanduiden, zoals een weg, een laan, een kade, een gracht, een singel of een plein, zijn op en aan mogelijk, maar aan is het gewoonst: 'aan de Boslaan', 'aan de Witte Singel', 'aan de Voorschoterweg', 'aan de Gedempte Gracht', 'aan de Beestenmarkt'. Als je 'midden op' bedoelt, is het juist op: 'Het is kermis op de Beestenmarkt', 'We varen op de Herengracht.' Een steeg wordt meestal met in gecombineerd: 'in de Schapensteeg'.

Voor andersoortige straatnamen, zoals Wipmolen, Ranonkel, Goudkarper en Meent, bestaat geen algemene regel die bepaalt of het op, aan of in moet zijn. Soms is er in een bepaalde plaats of streek een voorkeur voor een van die voorzetsels.

Bij een straatnaam met een huisnummer is op veruit het gebruikelijkst en wordt het lidwoord meestal weggelaten: 'Ik woon op Raamweg 1a / Boslaan 33 / Voorschoterweg 547 / Goudkarper 8.'