Wat betekent getogen in de uitdrukking geboren en getogen?
 

 

Het voltooid deelwoord getogen komt volgens het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT, deel 4, 1889) van het Middelnederlandse werkwoord tien ('trekken'), dat later tijgen geworden is. In de uitdrukking geboren en getogen heeft het werkwoord tijgen de specifieke betekenis 'grootbrengen'. Het WNT vergelijkt tijgen in deze betekenis met het Hoogduitse erziehen ('opvoeden', 'grootbrengen') en met het Nederlandse optrekken. In het WNT (deel 11, 1910) vinden we bij optrekken onder meer “Van kinderen en de jongen van dieren. Grootbrengen, door gestadige zorg voor voeding en welzijn tot wasdom brengen, opvoeden.”

Geboren en getogen betekent dus 'geboren en opgevoed'.