Is waken voor goed gebruikt in de zin ‘We moeten ervoor waken dat de bezuinigingen niet de zwaksten treffen’?

Dat hangt ervan af welke betekenis je aan waken voor toekent.

Waken voor = ‘erop letten dat iets niet gebeurt’

In waken voor zit voor de meeste taalgebruikers al een ontkenning ‘verstopt’. Waken voor betekent voor hen ‘erop toezien dat iets niet gebeurt’, dus: ‘let erop dat niet ...,’, ‘zorg ervoor dat niet ...’ Een vergelijkbare ‘verborgen’ ontkenning zit in werkwoorden als voorkomen, beletten en verbieden. Als in het vervolg van een zin met zo’n werkwoord nóg een ontkenning voorkomt, ontstaat een dubbele ontkenning. Doordat de ene ontkenning de andere als het ware opheft, kan er dan precies het tegenovergestelde staan van wat bedoeld is. Bijvoorbeeld:

  1. Ik verbied je dat je niet naar Amsterdam gaat. (vreemde zin: verbieden betekent al ‘ik wil niet dat je gaat’ - niet moet weg)
  2. Mijn werk belet me dat ik niet op vakantie ga. (vreemde zin: beletten betekent al ‘ik kan niet gaan’ - niet moet weg)
  3. We moeten zien te voorkomen dat er geen ongelukken gebeuren. (vreemde zin: voorkomen betekent al ‘zorgen dat de ongelukken niet gebeuren’ - geen moet weg)

Zo beschouwd zou ook dit een vreemde zin moeten zijn:

  1. We moeten ervoor waken dat de bezuinigingen niet de zwaksten treffen. (waken voor betekent al ‘de armsten moeten niet getroffen worden’)

Voor steeds meer mensen is zin 4 echter een goede zin. Dat komt doordat waken voor voor hen een andere betekenis heeft.

Waken voor = ‘goed opletten dat iets wél gebeurt’

Waken voor heeft voor steeds meer taalgebruikers de betekenis ‘goed opletten dat is wél gebeurt, ervoor zorgen’. Uitgaande van deze betekenis is zin 4 wél juist: ‘We moeten er goed op letten / ervoor zorgen dat de bezuinigingen niet de zwaksten treffen.’

Dit maakt het gebruik van waken voor een beetje ‘gevaarlijk’: de lezer kan de zin anders opvatten dan je bedoelt. Bijvoorbeeld erop letten dat niet ... of ervoor zorgen dat niet ... zijn duidelijker. Vergelijk de zinnen 5, 6 en 7. Het is aan te raden zin 7 te gebruiken.

  1. We moeten ervoor waken dat de insectenpopulatie gaat groeien. (betekent voor sommigen: ‘voorkomen dat er meer insecten komen’, terwijl waarschijnlijk bedoeld is ‘ervoor zorgen dat er meer insecten komen’)
  2. We moeten ervoor waken dat de insectenpopulatie niet gaat groeien. (betekent voor sommigen: ‘goed opletten dat er niet meer insecten komen’; voor anderen - die weten dat de insecten uitsterven - een vreemde zin)
  3. We moeten ervoor zorgen dat / doen wat nodig is zodat / maatregelen treffen zodat de insectenpopulatie gaat groeien. (veilige keus)

Waken tegen = ‘voorkomen’

Waken wordt soms ook met het voorzetsel tegen gecombineerd. Het betekent dan altijd ‘voorkomen’, ‘erop letten dat iets niet gebeurt’. Datgene waartegen gewaakt wordt, is iets vervelends of negatiefs.

  • We moeten ertegen waken dat er misverstanden ontstaan.
  • Er wordt tegen gewaakt dat onbevoegden toegang krijgen tot de gegevens.