Wanneer gebruik je ofwel, en wanneer oftewel?

Volgens de meeste woordenboeken zijn ofwel en oftewel in bijvoorbeeld de volgende zinnen synoniemen: 

  • De dashond, ofwel de teckel, is een slim dier. 
  • De dashond, oftewel de teckel, is een slim dier. 
  • Pas op voor hoaxes, ofwel nepwaarschuwingen per e-mail.
  • Pas op voor hoaxes, oftewel nepwaarschuwingen per e-mail. 
  • Zomerkoninkjes, ofwel aardbeien, zijn mijn lievelingsfruit.
  • Zomerkoninkjes, oftewel aardbeien, zijn mijn lievelingsfruit. 

Deze zinnen zijn allemaal juist. Ofwel en oftewel betekenen dan ‘met andere woorden’ of ‘ook wel genoemd’. Wat volgt is een ‘alternatieve benaming’ voor het eerder genoemde.

Verschil tussen oftewel en ofwel

Oftewel betekent vrijwel altijd ‘met andere woorden’, ‘ook wel genoemd’. Ofwel betekent daarnaast vaak ‘of’: ofwel staat dus vaak, net als of, tussen twee echte alternatieven (of voor beide alternatieven):

  • Wil je naar de Euromast ofwel/of naar Diergaarde Blijdorp?
  • Wil je aardbeien ofwel/of kersen?
  • Je moet nu beslissen: gaan we naar Frankrijk ofwel/of naar Italië?
  • Het wordt ófwel Frankrijk, ófwel Italië.

Soms wordt oftewel gespeld als of terwijl, maar dat is niet juist.