Kun je van iemand zeggen dat hij 'zich houtig beweegt'?

 

Nee, dat is vreemd. Houtig betekent 'houtachtig'. Wel juist is 'Hij beweegt zich houterig' ('stijf, stram, onhandig').

In de Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS, 1997) staat dat je om de betekenis 'lijkend op, als van (een) ...' te krijgen (onder meer) het achtervoegsel -ig aan een zelfstandig naamwoord kunt toevoegen (kattig, venijnig, houtig), én het achtervoegsel -erig (katterig, houterig). De bijvoeglijke naamwoorden die volgens deze procedés ontstaan, worden volgens de ANS vaak in figuurlijke betekenis gebruikt; vooral de woorden op -erig hebben een vrij sterk negatieve bijbetekenis. Dat dit niet altijd opgaat, blijkt uit houtig, dat alleen letterlijk gebruikt wordt en niet negatief is, bijvoorbeeld in 'een houtige stengel'. Vergelijk eveneens slijmig (zoals in slijmige spijkerzwam) en slijmerig (ook figuurlijk: 'onderdanig, kruiperig').

Van Dale (2005) vermeldt bij het achtervoegsel -erig onder meer deze voorbeelden:

  • pedanterig: 'enigszins/min of meer pedant'
  • artistiekerig: 'nep-artistiek'
  • bloederig: 'met veel bloed'
  • frikkerig: '(een beetje) zoals een frik'
  • boekerig: boekerige taal: 'onnatuurlijke taal'
  • brallerig: '(te snel) geneigd tot brallen'
  • kleverig: 'licht klevend'

Bij het achtervoegsel -ig vermeldt Van Dale onder meer:

  • bangig: 'een beetje bang'
  • blauwig: 'een soort van blauw'
  • kattig: 'als een kat' ('snibbig')
  • sproetig: 'sproeten hebbend'
  • treiterig: '(te sterk) geneigd tot treiteren'
  • vieraderig: 'vier aderen hebbend'