Kun je zeggen: 'Het is haar honderdeneende overwinning'?

Ja, volgens de Algemene Nederlandse Spraakkunst (1997) kan dat. De ANS vermeldt: “Naast honderd (en) één, duizend (en) één zijn zowel honderd en eerste, duizend en eerste als honderd en eende, duizend en eende mogelijk.”

We vormen bepaalde rangtelwoorden door de achtervoegsels -de en -ste aan een bepaald hoofdtelwoord te voegen (zevende, achtste). Uitzonderingen zijn één (waarbij het rangtelwoord eerste hoort) en drie (dat correspondeert met derde). In samengestelde rangtelwoorden als achthonderdzevende en driehonderdachtste wordt het laatste deel op dezelfde manier gevormd. De ANS geeft helaas niet aan waarom honderdeneende en duizendeneende hier een uitzondering op zijn; het zou toch meer voor de hand liggen als alleen honderdeneerste en duizendeneerste mogelijk waren. Overigens kunnen al deze woorden ook zonder en gevormd worden: honderdeende, honderdeerste, duizendeende, duizendeerste.

Misschien klinkt honderdeneende ons niet zo gek in de oren omdat we op de lagere en middelbare school bij het rekenen met breuken spraken van drie eende (en niet van drie eerste).