Waar komt de uitdrukking een zeperd vandaan en wat wordt ermee bedoeld?

Een zeperd (ook wel een zeper) is iets negatiefs. Het kan onder meer 'mislukking', 'afgang' en 'financiële strop' betekenen.

De woordenboeken vermelden bij zeperd verschillende combinaties met werkwoorden: iemand een zeperd geven ('iemand (financieel) bedriegen', 'iemand afsnauwen', 'iemand een pak slaag geven'); een zeperd krijgen ('(financieel) bedrogen worden') en een zeperd halen ('mislukken, verliezen').

Zeperd gaat mogelijk terug op het Jiddische zeibel of seibel. Dit woord gaat weer terug op het Hebreeuwse zebhel, dat 'mest, drek' betekent. Maar misschien is er ook een verband met inzepen ('met zeep insmeren bij een wasbeurt'), dat in figuurlijke zin staat voor 'iemand flink onder handen nemen, afstraffen, een nederlaag laten lijden'. Zeperd heeft volgens het Woordenboek der Nederlandsche Taal de betekenis 'iets wat hard aankomt'. Daarvan afgeleid zijn de betekenissen 'oplawaai, pak slaag', 'nederlaag' en 'hevige regenbui'. 

Kortom: de herkomst van zeperd is niet duidelijk. Misschien is het Jiddische zeibel beïnvloed door het Nederlandse inzepen; dan zou zeperd een voorbeeld zijn van volksetymologie.