Is de zin 'Bijgaand vindt u het nieuwe pensioenoverzicht' juist?

Ja, dit is een goede zin. Bijgaand hoort hier bij het nieuwe pensioenoverzicht: dat overzicht 'gaat bij' (het overzicht is dus bij de brief gevoegd). In de praktijk worden zinnen met 'Bijgaand vindt u ...' (een bekend briefcliché) vaak afgekeurd, maar dat is onterecht.

Hoe zit deze zin in elkaar?

Deze zin bestaat uit een zogenoemde beknopte bijzin (bijgaand) en een hoofdzin (vindt u het nieuwe pensioenoverzicht). Omdat een beknopte bijzin geen expliciet onderwerp heeft, denk je dat erbij. Dat 'erbij gedachte' onderwerp komt vrijwel altijd terug in de hoofdzin. Het kan in die hoofdzin drie functies hebben: de functie van onderwerp, van meewerkend voorwerp en van lijdend voorwerp. In de zin 'Bijgaand vindt u het nieuwe pensioenoverzicht' denk je bij bijgaand het lijdend voorwerp uit de hoofdzin: het nieuwe pensioenoverzicht; dát 'gaat bij'. Daardoor is dit een grammaticale zin. Andere voorbeelden van correcte zinnen met een beknopte bijzin:

  • Gezellig kletsend liepen we de hele winkelstraat uit. (het onderwerp van de bijzin (je denkt er we/wij bij) = het onderwerp van de hoofdzin (we)) 
  • Bladerend door het boek vielen mij meteen een paar fouten op. (het onderwerp van de bijzin (je denkt er ik bij) = het meewerkend voorwerp van de hoofdzin (mij))
  • Al wandelend door het bos ging me ineens een lichtje op. (het onderwerp van de bijzin (je denkt er ik bij) = het meewerkend voorwerp van de hoofdzin (me))
  • Ingesloten vindt u mijn cv. (het onderwerp van de bijzin (je denkt er mijn cv bij) = het lijdend voorwerp in de hoofdzin)
  • Bijgesloten sturen wij u onze offerte. (het onderwerp van de bijzin (je denkt er onze offerte bij) = het lijdend voorwerp in de hoofdzin)
  • Vakantie vierend in zijn geliefde Frankrijk heeft het noodlot onze lieve papa plotseling van ons weggenomen. (het onderwerp van de bijzin (je denkt er onze lieve papa bij) = het lijdend voorwerp in de hoofdzin)

'Schoolregel' klopt niet

Veel mensen hebben geleerd dat de zin 'Bijgaand vindt u het pensioenoverzicht' fout is. Zij hebben namelijk deze 'regel' geleerd: het onderwerp dat je bij de beknopte bijzin denkt, moet per se ook het onderwerp van de hoofdzin zijn. Van de voorbeelden hierboven zou dan alleen 'Gezellig kletsend liepen we de hele winkelstraat uit' goed zijn. Alle voorbeeldzinnen hierboven zijn echter grammaticaal (zie ook de Algemene Nederlandse Spraakkunst). De 'schoolregel' is veel te kort door de bocht.

Wanneer wél fout?

Het kán natuurlijk wel fout gaan met de beknopte bijzin. Dan ontbreekt in de hoofdzin het onderwerp, lijdend voorwerp of meewerkend voorwerp dat je bij de beknopte bijzin kunt denken. Bijvoorbeeld:

  • Zingend begon de bus aan de rit naar de Efteling. (alleen het onderwerp uit de hoofdzin (de bus) komt in aanmerking als onderwerp van de beknopte bijzin, maar de bus zong niet)
  • Na de reizigers in het oog gekregen te hebben, gingen de ballonnen de lucht in. (alleen het onderwerp uit de hoofdzin (de ballonnen) komt in aanmerking als onderwerp van de beknopte bijzin, maar de ballonnen kregen de reizigers niet in het oog)