Wanneer gebruik je beslissen en wanneer besluiten? Bijvoorbeeld: ‘Het bestuur heeft beslist/besloten over de aanvraag.’

Beslissen en besluiten zijn (bijna) synoniem in de betekenis ‘de knoop doorhakken’, ‘bepalen wat er moet gebeuren’. Deze werkwoorden kunnen meestal allebei gebruikt worden. Er is wel een nuanceverschil:

  • ‘Het bestuur heeft beslist over de aanvraag’ betekent iets meer: het bestuur heeft zijn oordeel gegeven, het ‘vonnis’ is geveld.
  • ‘Het bestuur heeft besloten over de aanvraag’ betekent iets meer: het bestuur is eruit gekomen, het proces van besluitvorming is ten einde.

In beide gevallen heeft het bestuur de knoop doorgehakt, maar in de zin met beslissen ligt er dus meer nadruk op het oordeel/vonnis dat nu een feit is, terwijl in de zin met besluiten het overleg dat eerder gevoerd is sterker doorklinkt.

Beslissen past daardoor beter in bijvoorbeeld ‘We zullen op het laatste moment beslissen wie er mee mag’ en ‘De rechter heeft erover beslist.’ Besluiten past het best in bijvoorbeeld ‘We hebben al half en half besloten om ...’ en ‘Er werd unaniem besloten om ...’ Nu komt het proces van de besluitvorming sterker tot uitdrukking.

Belissing en besluit

Hetzelfde nuanceverschil komt tot uiting bij beslissing (meer een oordeel of een definitieve keuze) en besluit (meer een eindpunt van een discussie, overleg of gesprek). Daardoor ligt een beslissing van de rechtbank het meest voor de hand (het gaat om het oordeel/vonnis). In ‘Mijn besluit staat vast: ik eet geen vlees meer’ is vooral sprake van het eindpunt van een besluitvormingsproces, waardoor besluit het best past.