Page 19 - OnzeTaal_juni2019_HR
P. 19
De Amsterdamse scherpzinnige figuur die voortdurend kritiek levert op
Stadsschouwburg in de mensen om hem heen, maar die nu zelf te kijk wordt
de zeventiende eeuw. gezet. Herderin Margareta geeft zich namelijk voor hem
Collectie Atlas Dreesmann / uit: ze is vermomd als Mengo, en weet zijn stem en
Gemeente Amsterdam Stadsarchief
gedrag feilloos te imiteren. Terwijl haar aanbidder Karel
haar niet herkent, is het publiek natuurlijk op de hoogte.
(Waar Margareta’s zin begint met twee komma’s,
spreekt zij het publiek zelfs rechtstreeks toe.)
Orantee: Hoe! Boertge?
Graeff: ’k Volg mijn last, naer ’s Vorsten welbehagen. Karel: Wie zyt gy?
Orantee: Graef! Margareta: Wie ik ben? Uw dienaar Mengo, Heer.
Graeff: Prins! Mengo: Hoe drommel is ’t hier, ben ik Mengo dan niet
Orantee: Zie toe, dat diergelijke spel, niet weer meer?
In een bedroefde vreugd tot zijnen meester keer. Wie zyt gy dan? Spreek op, en zonder te bedriegen.
Pas op. Denk om u hooft! Margareta: Een dienaar van de Prins.
Mengo: Dat zul je moeten liegen.
Het Nederlandse publiek koos steeds vaker voor zulke Karel: Hoe! zyt gy Mengo?
comedias van Spaanse oorsprong in plaats van voor de Margareta: Heer, wel twyffelt gy daar aan?
stukken van eigen bodem, zo blijkt uit de schouwburg- Karel: Wie is ’t dan van u bey, hoe zal ik dit verstaan?
administratie. Bredero’s Spaanschen Brabander, waarvan Hier schuilt bedrogh.
de intrige ontleend is aan een Spaanse schelmenroman, Mengo: Zou ik in noot dan wel veranderen
verbleekte bij al het internationale spektakel. Van een in twee, of zyn wy geesten van mal-
Opvallend is ook hoe vaak de hoofdrollen zijn toe- kanderen?
bedeeld aan vrouwen. Voor Lope de Vega en de toneel- Margareta: ,,Myn list heeft uit, nu ’k my niet meer
auteurs die in zijn voetspoor volgden, was dat niet meer verbergen kan.
dan gebruikelijk. Zij konden al vanaf het begin van de Mengo: Indien hy Mengo is, wat duivel ben ik dan?
zeventiende eeuw gebruikmaken van actrices, terwijl in
de Nederlandse Republiek de vrouwenrollen nog lange Voor Nederlandse vertalers is de ingenieuze taal van het
tijd door mannen werden gespeeld. Maar toen er vanaf origineel een uitdaging. Het Spaans van het citaat hier-
1655 ook hier vrouwelijke acteurs op de loonlijsten boven bevat dynamische verzen, ‘versos sueltos’, zonder
terechtkwamen, stroomde het publiek toe om al dat rijm. Zo antwoordt Margareta op Karels vraag naar wie
nieuws mee te maken. De hoogtijdagen van het Spaanse zij is: “Mengo, tu page”, waarop (de echte) Mengo rea-
toneel in Nederland waren aangebroken. geert: “Ay de mí! que no soy Mengo?” Rijmloosheid
is ongebruikelijk in zeventiende-eeuwse Nederlandse
JOODSE IMMIGRANTEN poëzie. De vertaalde verzen zijn dan ook rijmend
Hoe belandden de populaire comedias op de Nederland- gemaakt in de vertrouwde vorm van alexandrijnen.
se planken? Omdat de Spaanse taal hier vreemd was, na-
men een aantal Nederlandse dichters hun toevlucht tot ZARAGOZA WORDT DEN HAAG
de Franse bewerkingen van Spaanse stukken, die popu- In het geval van Min in ’t Lazarus-huys, dat tot ver in de
lair waren in de theaters in en rond Parijs. Rechtstreeks achttiende eeuw populair is geweest, is het Spaanse ori-
vertalen kwam echter ook voor. Antwerpse uitgevers gineel van Lope de Vega wel heel drastisch aan het Ne-
brachten bloemlezingen op de markt van de beste derlandse publiek aangepast. Alle Spaanse elementen in
Spaanse stukken, gericht op de Spaanstalige, Joodse im- Lope’s stuk zijn vervangen door Nederlandse. Stond het
migranten in Noordwest-Europa. Vervolgens was er nog psychiatrisch centrum waarin het stuk zich aanvankelijk
een goede vertaler nodig. Die vonden de Amsterdamse afspeelde in Valencia, de Nederlandse dichter Focquen-
schouwburgregenten in de persoon van Jacobus Baroces, broch heeft de plaats van handeling verplaatst naar een
een van de circa tweeduizend Joden in het stadsdeel van de Amsterdamse dolhuizen van zijn tijd, het Laza-
Vlooijenburg, waar in kleine theatertjes Spaanstalig to- rushuis, aan het einde van de straat waar hij zijn jeugd
neel uit het thuisland werd opgevoerd. Baroces beheers- had doorgebracht. Verder werd Zaragoza Den Haag,
te voldoende Nederlands om letterlijke vertalingen in Toledo Utrecht, de Spaanse troonopvolger een rijke edel-
proza te kunnen leveren van ten minste acht stukken, man, verdwenen de bedelaars van straat en veranderde
niet alleen van Lope de Vega, maar ook van diens navol- het feest van de Onnozele Kinderen op 28 december in
gers Calderón, Mira de Amescua, De Monroy y Silva en de kermis in september. De belangrijkste wijziging is het
Jiménez de Enciso. Baroces’ onberijmde vertalingen zijn directe verband dat Focquenbroch legt tussen krankzin-
vervolgens door ervaren dichters in zeventiende-eeuwse nigheid en verliefdheid. In zijn versie buitelen de ver-
verzen omgezet. Een praktijk die loonde, want het zijn liefden over elkaar heen en is er geen bewoner van het
juist deze comedias die bovenaan in de populariteits- Lazarushuis die aan de liefde kan ontsnappen. Daarom
metingen staan. laat de dichter het stuk openen door Cupido, uitgedost
als een zot, die beweert dat hij het nergens méér naar
GRACIOSO zijn zin heeft dan in een dolhuis:
Hoe zijn de vertalers te werk gegaan? Dit is een van de
vragen die wij stellen in ons Leidse onderzoeksproject Nadien de Sotheyt, en het Minnen, ONZE TAAL 2019 — 6
‘The Theatre of Emotions: Spanish Drama in the Seven- So vast aen een gekoppelt sijn,
teenth-Century Low Countries’. Soms deden ze dat Dat hy berooft moet sijn van sinnen,
woord voor woord, zoals in het voorbeeld hieronder, uit Of voor het minste, Sot in schijn,
Veranderlyk geval, naar het origineel van Cristóbal de Die sigh tot minnen gaet begeeven;
Monroy y Silva, door Baroces in proza vertaald en door Want, of in schijn, of in der daet,
Dirck Heynck in het Nederlands berijmd. In dit populaire Is, en de Min, in ’t Minnaers leeven,
toneelstuk is Mengo een typisch Spaanse ‘gracioso’, een Slegs puure Sotheyt, op een draet. 19

