Page 23 - OnzeTaal_april2020_HR
P. 23
RAARWOORD GUUS MIDDAG WITTEMAN
Over opmerkelijke woorden, oud en nieuw.
Nonnenspiegel
ie weet nog wat ijsbloemen zijn? Het is iets
van voor de opkomst van de centrale ver-
W warming en de dubbele beglazing. En uit Appen
de tijd toen het ’s winters nog echt vroor. Dan sloeg
in de onverwarmde slaapkamers de adem van de sla-
penden neer op de binnenkant van het koude raam en
vormde daar dan mooie grillige patroontjes van ijs. ud worden is niet zo erg, mits je het doet in
Als je de volgende ochtend de gordijnen wegschoof, gezelschap van generatiegenoten. Mijn broer
was het slaapkamerraam ondoorzichtig geworden, en O en zus, bijvoorbeeld, allebei begin vijftig, net
het uitzicht vervangen door een grijswit geheel van als ik. Ze gebruiken hun telefoon dan ook net als ik: ze
veer- en varenachtige vormen: ijsbloemen. appen met één wijsvinger.
De dichter Chr.J. van Geel (1917-1974) schreef een Dat is prettig en geruststellend om te zien, maar
gedicht, ‘IJsbloemen’, over wat je er allemaal in kon behalve mijn broer en zus heb ik aan de wat slordige
zien. Een “oase” bijvoorbeeld, maar dan wel een levenswandel van mijn oude vader ook nog een halfzus
“oase onder een pak sneeuw”. Of de manen van een en een halfbroer van 30 en 25 overgehouden. Millen-
leeuw, maar dan wel de “berijpte manen van een nials. Digital natives. Zij appen met twee duimen, en
leeuw”. Een indiaanse verentooi, maar dan zonder de doen dat ongeveer twaalf keer zo snel als ik met die
gebruikelijke bonte kleuren; een witte verentooi, een ene vinger.
“schedelverentooi”. Wat nog meer? De vacht van een Wij appen heel wat af met elkaar, want wij zijn een
schaap, met al die witte krullen. Of “een dicht ber- gezellige familie. De jongelui maken daarbij weleens
kenbos”. een spelfout. Daarmee pest ik ze uiteraard ongenadig,
Het dichtgevroren raam is als een schilderij waar je want we mogen dan een gezellige familie zijn, maar
lang naar kunt kijken. “Een bloemstilleven”, aldus slappe begrippen als ‘mildheid’ of ‘compassie’ komen
Van Geel. Of “een Séraphine”, naar de naïeve Franse er bij ons niet in.
bloemenschilderes Séraphine de Senlis. Of “een non- “Wat eigenaardig dat ze jou indertijd een vwo-diplo-
nenspiegel”. ma hebben gegeven”, app ik dan naar mijn jongste
Wat is een nonnenspiegel? Ik wist het niet. Het broertje. “Wat zielig dat jouw baby moet opgroeien met
woordenboek ook niet. Maar het internet, na enig een stamelende analfabeet als moeder”, app ik naar
zoeken, wél. Nonnen horen niet ijdel te zijn, en zij mijn jongste zusje. En dan appen we wat blozende
horen dus ook niet in een spiegel te kijken. Maar en/of lachende emoji’s heen en weer.
soms wint, ook bij hen, de nieuwsgierigheid het van Maar van de week namen ze wraak. Ik had mijn klei-
de voorschriften. Daarvoor is een devote oplossing ne broertje weer eens gepest met een vergeten dan wel
gevonden: een spiegel die, als je erin kijkt, de afbeel- overbodige d of t toen hij de bijl op mijn zelfgenoeg-
ding van een heilige te zien geeft, of een stemmige zaam hinnikende strot liet neerdalen: “Maar jij zet een
tekst, omgeven door allerlei kunstig in het spiegel- punt aan het eind van je zin!”, appte hij. “Uiteraard
glas gegraveerde veer-, varen- en bloemenvormen. doe ik dat”, antwoordde ik. “Zo hoort dat, snotneus!”
Daartussen zitten enkele kleine stukjes onbewerkt “Nee”, antwoordde hij. “Bij het appen staat dat heel
spiegelglas, waarin de nieuwsgierige nonnen dan een onaardig Een punt zetten aan het eind van een appje
glimp van hun eigen uiterlijk kunnen opvangen. betekent dat je kwaad bent Net zoiets als na een dis-
Als je op internet naar afbeeldingen van die non- cussie tegen iemand zeggen ‘Fijne dag nog verder!’”
nenspiegels kijkt, doen ze heel sterk aan iets denken. Ai. Dat ‘Fijne dag nog verder’ meestal juist betekent
Aan wat? Aan een raam met ijsbloemen. dat je iemand een rotdag gunt, wist ik wel. Waarom
wist ik het dan niet van die punt? “Omdat je een be-
jaarde bent”, merkte mijn broertje fijntjes op.
Foto: Wikimedia / Andreas Praefcke nek? Ik legde het probleem voor aan mijn jongste zoon,
Mooie boel. Maar misschien lulde hij wel uit zijn
15, geboren met een smartphone in zijn hand: “Klopt
het dat je bij het appen geen punt hoort te zetten aan
het eind van een zin?” Antwoord kreeg ik niet, althans
niet in de vorm van een ‘ja’ of ‘nee’, met of zonder
punt. Hij stuurde alleen een foto van een stokoud
vrouwtje met een grijs permanentje en een leesbril, dat
geschrokken naar een computerscherm staart. ONZE TAAL 2020 — 4
Snotneus.
SYLVIA WITTEMAN
Nonnenspiegel
uit 1780. 23

