In ‘Dan was jij Harry Potter’ drukt was dus een niet-werkelijkheid uit. De Algemene Nederlandse Spraakkunst maakt de volgende opmerking over dit gebruik van de verleden tijd: “In kindertaal kunnen imperfectum [onvoltooid verleden tijd] en plusquamperfectum [voltooid verleden tijd] in een spelsituatie niet-werkelijkheid uitdrukken, bijv. ‘Jij was vader en ik was moeder. En jij moest de hele dag werken en als je thuiskwam, had ik het eten klaargemaakt.’”

Ook volwassenen gebruiken de verleden tijd om een niet-werkelijkheid aan te geven, maar dan in zinnen als: ‘Als ik jou was, zou ik het doen’ en ‘Als ik een tuin had, dan maakte ik er een moestuin van.’

Toch nog een vraag?

Onze taaladviseurs staan elke werkdag voor je klaar. Neem contact op via

Bel 085 00 28 428 van 9.30 tot 12.00 uur (op donderdag tot 11.00 uur) en van 13.30 tot 16.00 uur Bel 085 00 28 428 van 9.30 tot 12.00 uur (op donderdag tot 11.00 uur) en van 13.30 tot 16.00 uur

(gebruikelijke belkosten, geen extra kosten)

Of stel je vraag via social media of per mail