Waar komt de uitdrukking stennis maken vandaan?

 

Stennis maken (ook wel stennis trappen en stennis schoppen) betekent 'drukte maken', 'verwarring veroorzaken', 'met veel kabaal je boosheid uiten', 'ruziemaken'.

Stennis betekent 'kabaal', 'drukte', 'ophef'. Het is afgeleid van het Jiddische sjtannes ('argwaan, wantrouwen'), dat teruggaat op het Hebreeuwse eštonoth ('gedachten, bedoelingen'). Volgens het Etymologisch woordenboek van het Nederlands (EWN) werd het voor het eerst opgenomen in De Gabbertaal. Woordenlijst van het Bargoens (1937) van E.G. van Bolhuis.

Marc De Coster vermeldt in zijn Woordenboek van populaire uitdrukkingen, clichés, kreten en slogans (2002) de Jiddische uitdrukkingen sjtannes maken ('argwaan wekken') en sjtannes op iemand hebben ('iemand niet vertrouwen'). Hoe stennis in het Nederlands de betekenis 'drukte, ophef' kon krijgen, is niet duidelijk. De Coster oppert dat dit onder invloed van standje is gebeurd, dat vroeger ook de betekenis 'ruzie, herrie, kabaal' had. Zo vermeldt het EWN bij standje: “Verkleinwoord van stand, dat oorspronkelijk het blijven staan van een groep mensen aanduidde, een betekenis die is blijven bestaan in standwerker. Hieruit hebben zich betekenissen ontwikkeld betreffende de oorzaken van zo'n oploop, zoals een berisping [een standje krijgen], een ruzie of de geagiteerde gemoedsgesteldheid van de veroorzaker [een opgewonden standje].”

Schoppen in stennis schoppen betekent 'veroorzaken'; vergelijk ook herrie schoppen en ruzie schoppen. De gedachte aan de voet die plotseling 'uitschiet' is op de achtergrond geraakt; het gaat vooral om de snelle beweging die ermee gepaard gaat en de opwinding die er vaak het gevolg van is. Ook trappen kan zo worden gebruikt; vergelijk lol trappen en rotzooi trappen.