Drink je soep of eet je soep?

In de regel zeg je dat je soep 'eet'. Meestal nuttig je soep – al dan niet aan tafel – met behulp van een lepel uit een (diep) bord of een kop. Drinken wordt in de regel gebruikt als je een vloeistof tot je neemt uit iets wat je aan je mond zet (zoals een glas, een beker of een kopje).

De neiging om van soep te zeggen dat je die 'eet' neemt toe met de stevigheid ervan: als een soep veel ingrediënten bevat die je moet kauwen voordat je ze doorslikt (balletjes, groenten, stukjes vlees), klinkt drinken erg vreemd. Van een bouillon zonder 'dingetjes' kun je daarentegen goed zeggen dat je die drinkt, tenzij je de bouillon uit een bord oplepelt.

Vergelijk ook het spreekwoord 'De soep wordt niet zo heet gegeten als ze wordt opgediend.'