Is het handvaten of handvatten?

Handvaten en handvatten zijn allebei correct. Handvatten is het oudst; daarom krijgt die vorm nog steeds vaak de voorkeur. Maar alle recente naslagwerken vermelden beide meervouden. 

Het tweede deel van handvat (vat) betekent van oorsprong ‘plaats waar je iets kunt vastpakken’, ‘mogelijkheid om iets of iemand aan te vatten, te grijpen’, ‘greep, heft’. Het meervoud hiervan is vatten. Daarom is het oorspronkelijke meervoud van handvat ook handvatten.

Maar vat is ook een aanduiding voor een gebruiksvoorwerp: iets (zoals een pot, kruik of ton) waarin je allerlei dingen kunt bewaren. In die betekenis heeft het als meervoud vaten. Dat geldt ook voor de betekenis ‘transportbuis in een lichaam’, zoals in bloedvat(en) en lymfevat(en).

Dat handvat naast het oorspronkelijke meervoud handvatten het meervoud handvaten heeft gekregen, komt waarschijnlijk doordat vaten vertrouwder klinkt. Het meervoud handvatten is namelijk een bijzonder geval: er bestaat geen ander woord met vat in de betekenis ‘greep, heft, mogelijkheid om iets vast te pakken’. Ook als zelfstandig woord komt dit vat nauwelijks meer voor. We gebruiken het alleen nog in het enkelvoud in vaste verbindingen als ergens (geen) vat op hebben/krijgen.

Het andere vat (‘ton’, ‘transportbuis’) is een stuk gewoner, zeker ook in het meervoud (wijnvaten, benzinevaten, bloedvaten). Het is dus op zichzelf niet vreemd dat naar analogie hiervan ook het meervoud handvaten ingeburgerd is geraakt.

Nieuw is het meervoud handvaten overigens niet; het historische Woordenboek der Nederlandsche Taal geeft een citaat uit 1911 waarin handvaten voorkomt. En wie op internet in oude kranten zoekt, kan het woord al in negentiende-eeuwse teksten tegenkomen, en zelfs in een achttiende-eeuwse krant, namelijk de Middelburgsche Courant van 28 augustus 1766, waarin over “Yzere Handvaten” wordt geschreven.