Page 19 - OnzeTaal_febmrt2019_HR
P. 19

Jan Siebelink

                                              Geen biografie van Jan Siebelink (1938) laat zijn megasucces onvermeld:
                                              van Knielen op een bed violen (2005), het relaas over de bekering van zijn
                                              vader, zijn alleen al in Nederland meer dan 700.000 exemplaren verkocht.
                                              Het verscheen toen Siebelink al een indrukwekkende lijst boeken op zijn
                                              naam had. Daarmee had hij echter nog niet het grote publiek bereikt. Cri-
                                              tici oordelen dat veel van zijn werk, zoals Suezkade en zeker ook De blauwe
                                              nacht, minstens zo veel lof en aandacht verdient als Knielen.
                                                 Siebelink werd na de kweekschool onderwijzer, en studeerde in zijn vrije
                                              tijd Frans. Als docent Frans stond hij decennialang voor de klas, wars van
                                              onderwijsvernieuwingen. “Ik moest de kinderen Frans leren. Daar is maar
                                              één manier voor: Frans met ze spreken en boeken met ze lezen.”
                                                 Hij vertaalde onder andere werk van de Fransman J.-K. Huysmans
                                              (1848-1907) en interviewde grote Franse schrijvers. In Pijn is genot geeft
                                              hij een ontroerend beeld van de wereld van de wielersport.
                                                 Siebelink blijft schrijven. “Het is niet dat nu de sereniteit intreedt. Op
                                              mijn werkkamer ligt het vol met papieren. Dat betekent dat er een nieuw
                                              boek aan komt.”





                                                             vers als J.-K. Huysmans. Het is ook een tegendraadse
                                                             docent die een liaison aangaat met een jonge leerlinge.
                                                             Én een man die worstelt met herinneringen aan een
                                                             godsdienstwaanzinnige vader en diens wonderbaarlijke
                                                             verdwijning. In het Boekenweekgeschenk Jas van belofte
                                                             zit het allemaal. Hoe vloeit zo’n novelle uit de pen?
                                                                Niet vanzelf. Het begin is bijna blanco. In interviews
                                                             vlak na de bekendmaking van de eervolle opdracht zei
                                                             Siebelink: “Ik ben benieuwd welk verhaal zich voor het
                                                             Boekenweekgeschenk gaat aandienen. Het wonder van
                                                             het schrijven.” Nu de novelle eenmaal klaar is, bena-
                                                             drukt Siebelink nogmaals dat het schrijfproces een mys-
                                                             tieke en mysterieuze kant heeft. “Het verhaal moet als
                                                             het ware uit de hemel in mij neerdalen.” Is dat geen
                                                             pose? Een schrijver moet toch weten waar het naartoe
                                                             gaat?
                                                               eerste woord er staat, is die vrijheid beperkt. Stel dat je
                                                               “Als ik een verhaal begin, ben ik totaal vrij. Zodra het
 overbodig zijn”                                             als opening kiest: ‘Henk richtte zich op en keek naar
                                                             buiten. Hij zag een vrouw voorbijkomen …’, dan heb je
             Op een ochtend stond hier een man voor de deur, met
                      p een ochtend stond hier een man voor de
                                                             afwachten of er iets tussen die mensen gebeurt. Zoals
             wat mensen om zich heen. Of ze even binnen mochten   al twee mensen waar je wat mee moet. Dan is het nog
                      deur, met wat mensen om zich heen. Of ze
             komen. Eenmaal in de hal knielde hij voor mij op de   gezegd had ik voor deze novelle al een opening: een man
                      even binnen mochten komen. Eenmaal in
      “granieten vloer. Toen                                 van bijna tachtig krijgt een TIA en wordt wakker in de
            O de hal knielde hij voor mij op de granieten
            vloer. Toen vroeg hij of ik, ‘deze grootse schrijver’, het   ambulance. Dat is een heftige ‘setting’. Maar ik wist
            Boekenweekgeschenk voor 2019 zou willen schrijven.”   absoluut niet hoe het verder zou gaan.”
            Jan Siebelink, auteur, essayist, vertaler en journalist,
            vertelt aan de keukentafel in zijn woning in Ede hoe hij   MENTOR
            ‘gevraagd werd’. De man die zo theatraal op z’n knieën   Door die intuïtieve aanpak kunnen de romans van Siebe-
            neerviel, was Eppo van Nispen tot Sevenaer, de toen-   link nogal eens uitwaaieren. Knielen op een bed violen is
            malige directeur van de CPNB. Dat is de Stichting Collec-  een lijvig boek en ook Suezkade (2008) mag er zijn. Voor
            tieve Propaganda van het Nederlandse Boek, die de    het Boekenweekgeschenk is de auteur gebonden aan 94
            Boekenweek organiseert en het bijbehorende geschenk   pagina’s.
            uitgeeft. “Ik heb natuurlijk ja gezegd. Ik wist meteen   Had u daar geen moeite mee?
            hoe ik moest beginnen.”                          “Ik heb naast romans ook altijd novellen geschreven,
                                                             zoals Oscar, dat net herdrukt is, en Ereprijs, een van mijn
            WONDER                                           schoolverhalen. In het geval van het Boekenweekge-   ONZE TAAL 2019  —  2/3
            Siebelink was net tachtig geworden. Hij zag de opdracht   schenk heb ik wel zitten rekenen met het aantal woor-
            als bekroning van meer dan veertig jaar schrijverschap.   den en bladzijden. Als je halverwege bent, weet je dat er
            Zijn oeuvre is van bijna vestdijkiaanse omvang en heeft   nog van alles te gebeuren staat in het verhaal. Wat in
            een vaste thematiek. Zoals in veel van zijn boeken is ook   gang gezet is, moet ook afgemaakt worden, zoals de re-
            in het Boekenweekgeschenk de hoofdpersoon onmis-  latie tussen hoofdpersoon Arthur en Loet, een miskende
            kenbaar een afspiegeling van de auteur: leraar Frans,   schrijver. Dat moeten ‘hele mensen’ worden en daar heb
            schrijver, dandy, liefhebber van Franse decadente schrij-  je hoe dan ook woorden voor nodig. Maar ik laat me toch    19
   14   15   16   17   18   19   20   21   22   23   24