Gemakkelijk is de oudste vorm. Makkelijk is daarvan een variant. Het Woordenboek der Nederlandsche Taal geeft enkele citaten uit de achttiende eeuw waarin makkelijk wordt gebruikt. In de schrijftaal komt beide woorden dus al eeuwen voor.

Gemakkelijk past volgens velen het best bij formelere contexten. Bijvoorbeeld in zinnen als:

  • Het kabinet gaat er te gemakkelijk van uit dat mensen bijscholing zelf kunnen betalen.
  • Volgens de officier van justitie was het gemakkelijk de dader op te sporen.
  • Verbouwkompas.nl maakt werken volgens het Bouwbesluit gemakkelijk.

In deze zinnen zou makkelijk overigens zeker ook gebruikt kunnen worden.

Van Dale vermeldt bij zowel makkelijk als gemakkelijk de betekenissen:

  • ‘niet moeilijk’: ‘Dat is lang niet gemakkelijk/makkelijk’;
  • ‘flexibel’: ‘Myriam is een gemakkelijk/makkelijk mens’; ‘Hij is daar erg gemakkelijk/makkelijk in’;
  • ‘gemakzuchtig’: ‘Hij is nogal gemakkelijk/makkelijk uitgevallen’;
  • ‘best’, ‘licht’, ‘mogelijk’: ‘Het kan gemakkelijk/makkelijk zo zijn dat dit al eens is opgemerkt.’

Gemakkelijk heeft volgens Van Dale daarnaast de betekenis ‘gemak opleverend’, ‘comfortabel’, ‘gerieflijk’, zoals in een gemakkelijke stoel, een gemakkelijk leventje. Maar ook in deze betekenis is makkelijk in de praktijk heel gewoon.

Toch nog een vraag?

Onze taaladviseurs staan elke werkdag voor je klaar. Neem contact op via

Bel 085 00 28 428 van 9.30 tot 12.00 uur (op donderdag tot 11.00 uur) en van 13.30 tot 16.00 uur Bel 085 00 28 428 van 9.30 tot 12.00 uur (op donderdag tot 11.00 uur) en van 13.30 tot 16.00 uur

(gebruikelijke belkosten, geen extra kosten)

Of stel je vraag via social media of per mail