Het is een beetje ondergesneeuwd geraakt, maar behalve met Dirk Scheringa was er vorige week ook iets met Agnes Jongerius, voorzitter van de FNV. Ze had tegen de Volkskrant gezegd dat ze wel met Wilders wilde praten over het bestrijden van de AOW-plannen van het kabinet. Ze zei: "We dealen met de duivel en zijn ouwe moer."

Kees van der Zwan | 20 oktober 2009

Die uitspraak was opmerkelijk, in de eerste plaats omdat de FNV altijd optrekt met de PvdA, en niks leek te hebben met populistisch rechts. Maar ook op talig gebied was dit intrigerend.

Drugs

Het eerste wat de aandacht trekt in "We dealen met de duivel en zijn ouwe moer" is dat 'dealen'. 'Dealer' komt al sinds 1931 voor in het Nederlands. Maar 'dealen', het werkwoord dus, is veel jonger. Pas sinds 1995 vermeldt Van Dale het. Het staat voor 'iets verkopen' (drugs vooral), of 'ergens mee omgaan'. In de door Jongerius bedoelde betekenis van 'zaken doen' is het bekend uit het snellere segment van het bedrijfsleven.

'De duivel (of: de duvel) en z'n ouwe moer (een verkorting van 'moeder')' bestaat al veel langer. Wat heet: de uitdrukking wordt al sinds de Gouden Eeuw gebruikt om te zeggen: 'iedereen - maakt niet uit wie'. Agnes Kant van de SP zei bij Pauw en Witteman dat het typisch vakbondstaal is.

Kordaatheid

Het opvallende van 'We dealen met de duivel en z'n ouwe moer' is de combinatie: van nieuw en oud, van zakelijk en oud-Hollands, van flitsend en oubollig. Het is alsof iemand zegt dat 'Jan Rap en zijn maat aan het chillen waren', of dat 'die dekselse bengels lelijk werden afgebitcht'.

In zijn ongewoonheid heeft dat combineren van 'dealen' en 'de duivel en zijn ouwe moer' iets gewaagds. Het suggereert behalve een zekere losheid vooral ook durf en kordaatheid. Iemand die zegt te dealen met de duivel en zijn ouwe moer zal bij Balkenende niet gauw met de mond vol tanden staan.

Tuig van de richel

Die kordaatheid straalde Jongerius de laatste tijd ook uit - vooral nadat de werkgevers het AOW-overleg met haar hadden afgebroken. Sindsdien wóónde ze zo ongeveer in de praatprogrammastudio's, waar ze blakend keer op keer in haar karakteristieke Haagse tongval uitlegde hoe onfatsoenlijk de "werrekgevers" wel niet waren. Eerder had ze al gesproken van "tuig van de richel". Hier zat iemand zichtbaar heel goed in haar rol, hier was een ster aan het rijzen.

Tot de duivel en zijn ouwe moer dan. Want de rest van de FNV wilde helemaal niet dealen met Wilders. Snel werd als officiële reactie naar buiten gebracht dat Jongerius in de Volkskrant "verkeerd begrepen" was. Sindsdien zagen we een heel ander iemand: iemand die ervan doordrongen was dat ze de komende tijd vooral zal moeten dealen met haar eigen organisatie - met haar eigen kranige jongens en meiden van stavast, zogezegd.


Meer Nu.nl-columns van Onze Taal