Op zaterdag 23 februari werd tijdens het radioprogramma De Taalstaat aangekondigd dat de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) stopt met het aanbieden van de bachelorstudie Nederlands: met een instroom van vijf studenten is de studie niet langer rendabel voor de VU. Diverse geschokte reacties van onder anderen studenten, docenten en Kamerleden volgden op deze aankondiging.

De Tweede Kamer wil dat onderwijsminister Van Engelshoven universiteiten dwingt om de studie Nederlands te blijven aanbieden, zo schrijft het AD. Verschillende partijen zijn van mening dat deze ‘slechte ontwikkeling’ aangepakt moet worden en vinden dat het vak te belangrijk is om die keuze aan universiteiten over te laten. Onder meer Onderwijsland, Nationale Onderwijsgids en De Dagelijkse Standaard schrijven over de reacties vanuit de Tweede Kamer.

Minister Van Engelshoven heeft, in tegenstelling tot de Tweede Kamer, begrip voor het besluit van de VU, omdat andere universiteiten hebben beloofd de studie Nederlands gewoon te blijven aanbieden. Dit blijkt onder meer uit berichten van de NOS en het AD. Het KNAW zal een advies uitbrengen over de situatie bij de universitaire opleidingen Nederlandse Taal en Cultuur.

Op maandag 25 februari reageren Hans Bennis, algemeen secretaris van de Taalunie, en Marc van Oostendorp, hoogleraar Nederlands, in een interview met Trouw op het besluit van de VU. De oorzaak ligt volgens hen bij het schoolvak Nederlands in het voortgezet onderwijs, waar leerlingen voornamelijk vaardigheden aangeleerd krijgen en maar weinig aandacht gaat naar de Nederlandse cultuur. Het schoolvak Nederlands wordt daardoor bestempeld als ‘saai’. Verschillende andere media schrijven over de invloed van het vak Nederlands op de middelbare school op de bachelorstudie Nederlands, zoals Metro, Trouw en BN De Stem. Columnist Bert Wagendorp beargumenteert bovendien in de Volkskrant dat het schoolvak Nederlands een radicale terugkeer naar de literatuur nodig heeft.

Nog meer reacties kwamen naar buiten op 27 en 28 februari. Zowel De Telegraaf, De Standaard als Trouw schrijft over het belang van de studie Nederlands en het behouden van Neerlandici. Ten slotte spreekt Peter-Arno Coppen (hoogleraar taalwetenschap aan de Radboud Universiteit) zich in een artikel voor Neerlandistiek uit over hoe de voorheen populaire studie Nederlands zo gekrompen is door de jaren heen.

Overigens, eerder dit jaar bekeek Marc van Oostendorp de aantallen studenten Nederlands per universiteit en schreef hierover voor Neerlandistiek. Alles bij elkaar was er afgelopen jaar ‘slechts’ een daling van 5%, maar sinds 2010 is het studentenaantal landelijk ongeveer gehalveerd.

Op 1 maart kwamen er uiteenlopende reacties van Trouw, de KANTL en NRC naar buiten. Zo bespreekt Trouw de studie Nederlands in het buitenland, waar, in tegenstelling tot in Nederland, het aantal inschrijvingen juist toeneemt. De KANTL (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren) benoemt de afschaffing als ‘onaanvaardbaar’. Kennisinstellingen zouden volgens de KANTL de plicht hebben om hun maatschappelijke zending te bewaken en bewaren. Verder publiceerde NRC een twistgesprek tussen een voorstander en een tegenstander van het besluit van de VU. Beide deelnemers zijn het over één ding eens: de studie Nederlands moet veranderen. De Taalunie geeft ook een kort overzicht van de belangrijkste reacties in de media.

Ilja Leonard Pfeijffer schreef als een terzijde op Neerlandistiek een gedicht over de situatie, getiteld ‘Waarin de studie Nederlands aan de VU wordt opgeheven’.

Verder stelden Chantal van Oosten en Tony van der Meulen voor het Brabants Dagblad begin maart een opiniestuk op over het belang van de studie Nederlands. Ze zijn beiden van mening dat de studie Nederlands moet blijven. Ook de Groningse hoogleraar Mathijs Sanders schrijft op 5 maart voor RTV Noord dat een universiteit niet zonder de studie Nederlands kan.

Tevens verscheen op 5 maart een blog van promovendus en schrijver Marten van der Meulen. Hij bespreekt hierin de beeldvorming van de studie Nederlands door het schoolvak Nederlands en haakt daarbij in op het eerder genoemde interview in Trouw met Marc van Oostendorp. Volgens Van der Meulen moet het beeld van de studie veranderen om meer studenten te trekken.

Tot slot schreef onze directeur Vibeke Roeper een ingezonden brief aan NRC. Hierin doet zij een oproep aan aanstaande studenten om Nederlands te studeren. Ze is namelijk van mening dat een brede studie als neerlandistiek je een goede startpositie geeft op de arbeidsmarkt. Er is tenslotte niets mooiers dan je verdiepen in onze taal, aldus Roeper.

Barbara de Vos (oud-docente Nederlands) sluit zich aan bij de oproep van Roeper, zo meldt ze in een reactie op Neerlandistiek. Ze wil er graag aan toevoegen dat studenten na de studie vooral docent Nederlands moeten worden.