Lezen na Murakami

Murakami is waarschijnlijk de enige Japanse schrijver die zijn voornaam niet nodig heeft. Wie dankzij hem de smaak van de Japanse literatuur te pakken heeft, hoeft niet te vrezen. Er is volop leven na Haruki. Steeds meer Japanse schrijvers, zowel dood als levend, modern als traditioneel, worden vertaald. Maar waar te beginnen?

Katja de Bruin, boekenredacteur bij de VPRO, maakt voor ons themanummer over het Japans een handig overzicht – aangevuld met extra tips, voor wie er geen genoeg van kan krijgen.

Ontwerp: Ad van der Kouwe (Manifesta Idee en Ontwerp).

(Klik op het plaatje voor een grotere versie).

Schema uit het juninummer van Onze Taal, 2021.

Extra tips

  • Het is een beetje pijnlijk dat de wereldberoemde Japanse kersenbloesem zijn voortbestaan te danken heeft aan een excentrieke Engelsman. Toch is dat (deels) het geval. In Sakura - Hoe een Engelsman de Japanse kersenbloesem redde legt journaliste Naoko Abe uit hoe Collingwood Ingram in 1902 na een reis naar Japan thuis in Engeland Japanse kersen aanplantte. Hoe die vervolgens weer in Japan terechtkwamen, lees je in dit boek, dat zowel een biografie is als een pleidooi voor het behoud van biodiversiteit.
  • De Italiaanse schrijver Franco Faggiani is nog nooit in Japan geweest, maar daar is in Het jaar dat Shizo Kanakuri verdween weinig van te merken. De manier waarop hij het schiereiland Shiretoko, dat deel uitmaakt van het eiland Hokkaido, tot leven wekt is indrukwekkend. Daar verschuilt hardloper Shizo, die in 1912 mee mocht doen aan de marathon op de Olympische Spelen in Stockholm, zich voor zijn verleden nadat hij jammerlijk heeft gefaald de hooggespannen verwachtingen in te lossen.
  • Menselijke voorwaarden van Junpei Gomikawa telt 1440 pagina’s, die samen ruim een kilo wegen. In deze grandioze oorlogsroman volgen we de omzwervingen van Kaji, die in 1943 als pacifistische humanist in een ertsmijn moet gaan werken maar toch in de oorlog verzeild raakt. Daar verliest hij al zijn idealen, waarna hij als een van de weinige overlevende soldaten begint hij aan een lange zwerftocht naar huis. In Japan zijn er veertien miljoen exemplaren van verkocht.
  • Een buitenbeentje dat niet onbenoemd mag blijven, is Kazuo Ishiguro, die weliswaar in Nagasaki werd geboren maar al op zijn vijfde naar Engeland verhuisde en zodoende Brits staatsburger is. Alleen zijn eerste twee romans speelden zich af in een min of meer Japanse setting. Daarna schreef hij met The Remains of the Day (vertaald als De rest van de dag) een soort oerversie van de Britse landhuisroman. Ishiguro kreeg in 2017 de Nobelprijs voor de Literatuur. Zijn recentste roman, Klara en de zon, is wederom prachtig, maar Japan speelt daarin geen rol van betekenis.
  • Milena Michiko Flasar heeft een Japanse moeder en een Oostenrijkse vader. Haar debuutroman Een bijna volmaakte vriendschap gaat over een typisch Japans verschijnsel: hikikomori, otewel jongeren die nooit meer buitenkomen. In dit boek verlaat zo’n hikikomori voor het eerst in twee jaar zijn kamer, om in het park vriendschap te sluiten met een oude man.
  • Of het nou klopt of niet, Het verhaal van Genji wordt altijd ‘de eerste roman die ooit is geschreven’ genoemd. Murasaki Shikibu schreef dit epos over de zoon van een Japanse keizer tussen 1000 en 1012. De ambitieuze en opvliegende Genji heeft naast zijn drukke liefdesleven nog volop tijd voor politieke intriges aan het hof tijdens de Heianperiode.

Dit artikel komt uit ons themanummer over het Japans (juni 2021).