Het is een soort zeswoordenverhaal: ‘Laatste sprekers spreken niet met elkaar’. Iets uitgebreider: een taal dreigt uit te sterven, en taalkundigen schieten toe om hem vast te leggen nu het nog net kan. Alleen weigeren de laatste twee sprekers met elkaar te praten omdat ze al jaren een bloedhekel aan elkaar hebben.

In 2011 was dit gegeven ‘wereldnieuws’, met in de hoofdrol twee Mexicaanse indianen, de laatste sprekers van het Ayapaneco. Het verhaal bleek chinh jaygwyaakax, wat Ayapaneco is voor ‘flauwekul’, maar het opgeroepen beeld spreekt tot ieders verbeelding: twee oude mannen die categorisch weigeren hun ruzie bij te leggen, zelfs als dat de eenzaamheid van het niet kunnen converseren in hun moedertaal tot gevolg heeft.

Het verhaal is nu ook verfilmd, in een geromantiseerde versie. In I Dream in Another Language gaat het om het bijna uitgestorven Zikril, dat aan het begin van de film nog door drie mensen gesproken wordt. Maar kort nadat de taalkundige van dienst in hun dorpje is gearriveerd, overlijdt een van de drie en blijven twee oude mannen over, Isauro en Evaristo, die elkaar al decennialang in alle toonaarden negeren. De reden is de liefde voor een vrouw, zo krijgt de taalkundige te horen, maar gaandeweg blijkt dat er meer aan de hand is. De mannen delen een geheim, dat heel langzaam onthuld wordt; dit leidt tot een magisch-realistische ontknoping.

Het Zikril, waar de hele film om draait, is een ietwat mysterieuze indianentaal, die volgens de plaatselijke mythologie in de oertijd is ontstaan, en waarmee ook met de dieren in het regenwoud gecommuniceerd kan worden. De taal weerspiegelt de unieke visie op het leven van het Zikril-volk, en die visie zal natuurlijk voor eeuwig verloren gaan als de laatste twee sprekers eenmaal overleden zijn – het argument dat je vaak hoort als het gaat om het vastleggen en redden van bedreigde talen. Het Zikril is overigens een fictieve taal: het werd speciaal voor de film ontworpen.

Bekijk hier de trailer van de film.