Page 5 - OnzeTaal_sept2021
P. 5
‘pompernoelen plukken’ niet veel beter dan ‘padden- beesten, eenigh vergif deelachtig werden. Waer uyt dat
stoelen plukken’? blijckt, datse naeuwelijcx sonder eenig perijckel, ende
Al deze varianten van kampernoelie stammen af van buyten suspitie van vergif [= verdenking van gif – BvM]
een Romaans woord, al weten we niet precies welk. konnen gegeten werden”.
Misschien het Italiaanse campignuolo, misschien het Paddenstoelen zouden vaak giftig zijn. In een ency-
Noord-Franse champagneul. In ieder geval gaat het om clopedie uit 1778 lezen we bij de trefwoorden Padde-stoel,
een woord waar de Romaanse aanduiding voor ‘veld’ in Duivels-brood: “Daar zijn zeer veele zoorten van dit
zit (Italiaans: campo, Frans: champ) – een woord dus dat aard-gewas; waar van zommige eetbaar, maar de meeste
verwijst naar iets wat je op het veld kunt aantreffen. Dat vergiftig zijn, of ten minsten een zeer schaadelijken aart
is grappig, want tegenwoordig associëren mensen pad- hebben, en niet zonder groot ongemak en gevaar eetbaar
denstoelen eerder met een bos dan een veld. zijn.”
Nog steeds zijn er veel mensen die denken dat de
DUIVELS EN HEKSEN meeste paddenstoelen giftig zijn. In werkelijkheid is dat
Vanaf de zestiende eeuw is er nog een heel ander woord maar een klein aantal.
dat je veel tegenkomt: duivelsbrood, vaak gespeld als
duyvelsbroot. Een heel vroeg boekje over paddenstoelen PENIS
dat in 1668 gedrukt werd, heeft als titel: Tractaet van de In de Nederlanden werd er in de keuken altijd veel
campernoillien, ghenaemt duyvelsbroot. Het woord camper- minder met paddenstoelen gedaan dan in Zuid-Europa,
noillien betekent hier waarschijnlijk ‘paddenstoelen in Duitsland of Oost-Europa. Daar bestaat een traditie van
het algemeen’. Duyvelsbroot zou dan verwijzen naar een paddenstoelen verzamelen en eten. Hier nauwelijks. De
deelverzameling daarvan: de eetbare paddenstoelen. gemiddelde Nederlandstalige is ‘mycofoob’: bang van
Maar in andere teksten uit die tijd wordt duyvelsbroot paddenstoelen.
ook gebruikt voor niet-eetbare of giftige paddenstoelen. Dat men hier ten opzichte van paddenstoelen ook
En ook dit duivelsbrood kun je nog steeds in allerlei vroeger een behoedzame afstand in acht nam, blijkt uit
dialecten terugvinden, naast woorden die eraan verwant de namen die Van der Putte aantrof. In de periode van
zijn – of lijken te zijn. Als je de dialectuitspraak van 1200 tot pakweg 1600 zijn dat voornamelijk woorden
die woorden neutraliseert, zoals de gewoonte is in voor paddenstoelen in het algemeen, en maar heel wei-
hedendaagse wetenschappelijke dialectwoordenboeken nig voor specifieke paddenstoelen. Die waren er zo te
(duvelskèzze wordt dan bijvoorbeeld duivelskaas), dan zien alleen voor een handjevol bijzondere soorten, die
krijg je dit rijtje: opvielen of nuttig waren.
Als er één paddenstoel was die opviel en tot de ver-
duivelskaas jodenvlees beelding sprak, was het de stinkzwam. Stinkzwammen
duivelsvlees hondenbrood worden in een tekst uit de zestiende eeuw beschreven
heksenbrood wolvenkaas
heksenvlees paddenbrood
spokenbrood paddenkaas De gemiddelde Nederlands-
talige is ‘mycofoob’: bang
Over hoe paddenstoelen door de eeuwen heen genoemd
werden, weten we sinds kort veel meer dankzij het
proefschrift van Anneke van der Putte. Het heet Padden- van paddenstoelen.
stoelen en hun naamgeving in het Nederlands. Een cultuur-
geschiedenis, 1200-1900 en verscheen ook als handels-
editie. Al die paddenstoelnamen leveren inderdaad een als “fungi [Latijn voor ‘paddenstoelen’] ghelijckende
aardige cultuurgeschiedenis op. de mannelickheydt”. Inderdaad lijken ze, wat vorm en
Wat allereerst opvalt, zijn de vele associaties met de grootte betreft, sprekend op penissen. De Latijnse naam
duivel, heksen, spoken, padden, joden en wolven. Nog is Phallus impudicus: een fallus die zich onbeschaamd
altijd is heksenkring de naam voor paddenstoelen die in (‘impudicus’) aan ons toont. Het ding verspreidt ook
een kring staan. Ooit deden er verhalen de ronde dat nog eens een doordringende geur, om insecten aan te
dit plaatsen waren waar heksen of tovenaars ’s nachts trekken. Vandaar de tegenwoordige naam stinkzwam.
dingen zouden doen die het daglicht niet verdroegen – Men was ook onder de indruk van hoe snel zo’n
folklore, waarbij je als eenentwintigste-eeuwer nooit ‘penis’ tevoorschijn kon komen uit de jonge vorm van
helemaal goed weet wat je ervan moet denken. Geloof- de paddenstoel, die de vorm en grootte van een ei heeft.
den mensen dat werkelijk of waren het gewoon span- Daarvoor had men het prachtige woord ungers eyeren;
nende verhalen? unger betekende ‘tovenaar’, dus het ging hier om ‘tove-
naarseieren’. Tegenwoordig worden jonge stinkzwam-
GIFTIG men ook wel ‘duivelseieren’ genoemd.
Paddenstoelen werden geheimzinnig gevonden omdat
niet duidelijk was waar ze vandaan kwamen. Ze ver- PLOF
schijnen vaak plotseling. Johan van Beverwijck, een arts Bovisten (of stuifzwammen) vielen ook op: door hun
uit de zeventiende eeuw, beschrijft dat zo: “sy groeyen vorm, maar vooral ook omdat volgroeide exemplaren,
haestelijck en in een nacht uyt een grove aerdachtige als je ertegen schopt, een wolkje van sporen uitscheiden
ende dampige materie (…). Daer beneffens, konnen sy en daar soms een geluidje bij maken dat klinkt als een ONZE TAAL 2021 — 9
lichtelijck uyt eenige verrottinge daer ontrent zijnde scheet. Clusius, een Vlaamse botanist, beschrijft in 1601
[= in de buurt ontstaan zijn - BvM]”. Pas sinds de acht- hoe in zijn jeugd kinderen op bovisten sprongen om een
tiende eeuw weten we dat paddenstoelen de vruchtlicha- flinke wolk van sporen met een plof te laten ontsnap-
men zijn van schimmels die in de grond leven, of in het pen. Bovisten werden ook gebruikt door imkers. Ze wer-
hout van levende en dode bomen. den in brand gestoken en de rook die ze veroorzaakten,
Van Beverwijck beweert ook dat paddenstoelen soms werd gebruikt om bijen mee te bedwelmen. Een nuttige
“van Slangen, Padden, ende diergelijcke vergiftige paddenstoel dus. 5

