Page 33 - 12_OnzeTaal_dec2018_HR
P. 33
DE
VERTAALD DOOR ...
CRAEMER
Een vertaler over zijn of haar weerbarstigste vertaalprobleem,
en de oplossing ervan.
Reintje Ghoos Naar de frietjes
Wat is het grootste vertaalprobleem dat u bent lashback naar zevenentwintig jaar geleden. Ik
tegengekomen? ben tien en zit met mijn zus op de achterbank
De Franse auteur Édouard Louis (1992) is een nieuw F van de auto. Voorin zit mijn vader, en even
fenomeen. Hij komt uit de provincie en schrijft boeken voordien is mijn moeder uitgestapt op de parking van
die de stem vertegenwoordigen van wat links Frankrijk Superette Vandeputte, waar ze elke zaterdag beleg (in
zou moeten zijn. De titel van zijn laatste roman leverde het Vlaams: charcuterie) gaat halen voor de familie die
onverwacht een probleem op, waarover mijn co-verta- wekelijks bij mijn grootmoeder op bezoek komt. Mijn
ler en ik uitgebreid met de uitgever van gedachten ge- moeder had gezegd dat haar bezoek aan de super-
wisseld hebben. In totaal hebben we zo’n twintig voor- markt niet lang zou duren, maar wanneer ze na bijna
stellen gedaan, die allemaal zo hun bezwaren hadden. een half uur nog niet terug is, ontsnapt mijn vader de
De Franse titel luidde: Qui a tué mon père. Hoeveel eerste vloek die ik me herinner: Godverdommemiljaar-
jaar Frans moet je hebben gehad om dat te vertalen? denondedju! Mijn zus en ik lachen, maar mijn vader
Het wordt toch gewoon: Wie heeft mijn vader gedood? zegt meteen dat hij dat niet had mogen zeggen, en wij
Maar het eerste addertje onder het gras heeft een ook niet, en dat we die vloek nooit meer mogen herha-
grammaticaal karakter, door een dubbelzinnigheid len, want dat het een fout woord is.
die het Franse origineel niet heeft. Terwijl je in eerste Toch is het zoveel jaren later de vloek die ik gebruik
instantie mijn vader leest als het (in dubbel opzicht) wanneer ik een grote ergernis wil ventileren, al han-
lijdend voorwerp, blijk je hem ook als de moordenaar teer ik meestal de afgekorte vorm godverdomme. Het is
te kunnen lezen; dan is wie de vermoorde. misschien ook wel de meest typisch Vlaamse vloek.
Auteur Gaston Durnez schrijft er op Doorbraak.be dit
Hoe hebt u het opgelost? over: “De eeuwenoude, krakende, donderende kracht-
De vraag was hoe die dubbelzinnigheid kon worden woorden van onze Voorvaderen vormen de basis van
weggewerkt. De eerste, logische oplossing is: Door elk tv-feuilleton van eigen kweek. Telkens als ik naar
wie is mijn vader gedood – maar dat is als titel echt te zulke olijke dramatiek zit te kijken, denk ik aan mijn
onaantrekkelijk. Bij het zoeken naar alternatieven goede vrienden, de voormalige Vlaamse seizoenarbei-
verschenen er meer addertjes. Het ontbreken van een ders. Overal waar die zich in Frankrijk vertoonden,
vraagteken in de originele titel bijvoorbeeld. Daardoor werden zij begroet met de uitroep: ‘Ah, les Godferdom
zou het evenzogoed een bijzin kunnen zijn, die je ver- sont là!’”
taalt als: Wie mijn vader heeft gedood. Die variant hebben Over vloeken en scheldwoorden zijn onlangs twee
we nog wel voorgelegd, maar met weinig hoop. Voorts boeken verschenen die niet alleen razend interessant
moesten we ook nog kiezen tussen doden en vermoor- maar ook prachtig vormgegeven zijn: Het groot Vlaams
den. Ombrengen kon ook, naast uitdrukkingen als om vloekboek en Het groot Nederlands vloekboek. Wanneer
zeep brengen. Voor dat laatste viel iets te zeggen omdat ik die twee met elkaar vergelijk, is het voornaamste
de vader niet letterlijk vermoord blijkt te worden. wat me opvalt dat Nederlanders vaker scheldwoorden
Moest het dan niet iets worden als Wie heeft mijn vader gebruiken die met ziektes te maken hebben, zoals
kapotgemaakt of gebroken? Ten slotte heeft de uitgever kankerlijer en tyfus. Kankerlijer is nochtans ook opgeno-
de knoop doorgehakt, en werd het Ze hebben mijn vader men in de Vlaamse versie van het boek, maar ik heb
vermoord. Een redelijke keuze, vonden wij. echt nog nooit iemand in Vlaanderen dat woord horen
gebruiken. Godverdomme blijft onze meest geliefkoos-
Reintje Ghoos en haar vaste vertaalpartner Jan Pieter van de vloek, gevolgd door, onder de invloed van het
der Sterre hebben samen de laatste tien jaar een heel Engels, shit en fuck. Dat Nederlanders schelden met
scala aan boeken vertaald uit het Frans en het Engels. namen van ziektes, komt misschien doordat ze ook in
Een flink aantal werd genomineerd voor de Europese hun algemene taalgebruik net wat harder en directer
literatuurprijs – die ze in 2014 ook wonnen met De preek zijn. Zoals Vlamingen zachter en zelfs stiller praten,
over de val van Rome van Jérôme Ferrari. zo is ook ons vloekgedrag.
De mooiste vloek die ik ken, is er een uit de streek
van Aalst. Wanneer iemand daar wil zeggen dat iets
‘naar de kloten’ is, verzacht hij die uitspraak met deze
ONZE TAAL 2018 — 12
krachtterm: ‘Miljaar, het is naar de frietjes.’ Heerlijk
toch, hoe een vloek verzacht wordt door te verwijzen
naar het favoriete Vlaams-Belgische gerecht?
ANN DE CRAEMER
33

