Wat is goed: het koste wat het kost, koste wat het kost of koste wat kost?
Deze varianten zijn allemaal goed. Je moet er alleen op letten dat je koste met één t schrijft.
Het koste wat het kost is een vaste uitdrukking met de betekenis: ‘het mag zoveel tijd, moeite, opofferingen en/of geld kosten als het kost’. Je gebruikt deze uitdrukking dus als je ergens álles voor over hebt. Ook de verkorte varianten koste wat het kost en koste wat kost zijn goed. Bijvoorbeeld:
- Luuk wil koste wat het kost mee naar Aruba.
- We moeten er koste wat kost voor zorgen dat deze oude bomen de zomer overleven.
- Het koste wat het kost, maar ik wil over zes maanden tien kilo afgevallen zijn.
De werkwoordsvorm koste schrijf je met één t. Het is namelijk een aanvoegende wijs, ook wel ‘conjunctief’ genoemd. De aanvoegende wijs vorm je door de slot-n van het hele werkwoord af te halen: kosten wordt koste. Andere voorbeelden van aanvoegende wijzen zijn ‘Hij ruste in vrede’ en ‘Zo waarlijk helpe mij God almachtig.’
Variant: kost wat kost
Kost wat kost komt vooral in België geregeld voor, maar niet iedereen vindt het goed Nederlands. Kost wat kost zou een leenvertaling zijn van het Franse coûte que coûte, waarbij de aanvoegende wijs koste ‘verhaspeld’ wordt tot kost. Het wegvallen van de e bij deze vorm komt echter wel vaker voor. Zo moet je haal in ‘Dat haal je de koekoek’ eigenlijk ook lezen als hale.
Het kostte wat het kost
Het kostte wat het kost is onjuist als je ‘het mag zo veel tijd, moeite en/of geld kosten als het kost’ bedoelt. Kostte is namelijk de verledentijdsvorm van kosten, en niet de aanvoegende wijs koste. De verleden tijd kostte past wel in zinnen als:
- Mijn nieuwe jasje was heel duur. Laten we het er maar op houden dat het kostte wat het kostte.
- Het kaartje kostte 70 euro.
- Het kostte me een dag, maar ik heb Mount Snowdon beklommen.
Blij met deze uitleg?
Met een donatie van € 5 steun je Onze Taal. Bedankt!
Vaste combinaties waarin de aanvoegende wijs van het werkwoord voorkomt.
Wens
- dank zij u (dankzij is een voorzetsel geworden)
- dat haal je de koekoek
- de hemel/God bewaar/beware me
- één wens zij ons vergund
- ere zij God
- God beter(e) ’t (is een tussenwerpsel geworden: godbetert)
- God hebbe zijn ziel
- God zij dank (gebracht) (is een tussenwerpsel geworden: godzijdank/goddank)
- het ga je/jullie/hun goed
- hij ruste in vrede
- leve de koning
- moge de Heer u zegenen
- moge het u bekomen
- mogen allen dit horen
- redde wie zich redden kan
- uw naam worde geheiligd, uw koninkrijk kome, uw wil geschiede
- vrede zij met u
- zij leve hoog
- zij ruste in vrede
- zo waarlijk helpe mij God almachtig
Aansporing of aanwijzing
- ik moge u erop wijzen dat …
- gelieve met gepast geld te betalen
- men bedenke dat men slechts één kans krijgt
- men neme drie ons boter
- men vergete niet de deur te sluiten
- men verzuime niet het formulier tijdig in te leveren
- voor inlichtingen wende men zich tot …
Toegeving of berusting
- er gebeure wat er gebeuren moet
- hoe dit ook zij …
- hoe het ook moge zijn
- kome wat komt
- wat dies meer zij
- ze deed mee, zij het niet van harte