De Zomerschool-uitzending van De Taalstaat stond op 17 augustus 2019 in het teken van streepjes: wanneer voeg je die verplicht toe in een woord?

Meer weten?

Op onze website leggen we in verschillende adviesteksten uit waarom in bepaalde woorden streepjes moeten worden geplaatst. Dat gebeurt bijvoorbeeld in samenstellingen met gelijkwaardige delen, samenstellingen met een langere woordgroep (met daarin bijvoorbeeld een voorzetsel of voegwoord) en samenstellingen met een zinnetje. Ook tussen de delen van een buitenlandse (niet-Engelse) woordgroep komt een streepje, en bij klinkerbotsing.

De drie zinnen uit De Taalstaat:

  1. In vakanties lezen we graag magisch-realistische boeken en eten we veel goudbruine ham-kaastostietjes en superlekkere yoghurt-mango-ijsjes.
  2. Met onze kleintjes spelen we diefje-met-verlos en met onze reuze-eigenwijze pubers hanteren we half en half een staakt-het-vurenbeleid.
  3. Voor pedagogisch-didactische exercities met semiserieuze doe-normaalcontracten is het veel te warm, net als voor lawaaiige welles-nietesdiscussies.

 

Extra oefenen: doe de quiz!

Nog meer oefenen met samenstellingen? Doe de quiz.

Succes met oefenen en tot volgende week!

Klik hier om naar de overzichtspagina ‘Zomerschool Groot Dictee’ te gaan.

Houdt u van taal?

Word dan lid van Onze Taal! Dan ontvangt u niet alleen tienmaal per jaar ons tijdschrift, maar steunt u ook onze vereniging.