De taalprof

Als taalbeschouwer moet je beschikken over een behoorlijke onzekerheidstolerantie, want je struikelt voortdurend over taalvormen waarvan het onduidelijk is hoe ze in elkaar zitten. Zo las ik laatst over een aantal jongeren dat zij na de vakantie “nog lang niet uitgefeest” waren. Uitgefeest? Wat is dat nou weer voor een raar woord? Er bestaat toch geen werkwoord uitfeesten (ik feest uit - wij feesten uit - wij zijn uitgefeest). Dus hoe zit de zin ‘Wij zijn uitgefeest’ in elkaar?

Wilt u verder lezen? Log dan hieronder in