Kan dat, een gebiedende wijs in de verleden tijd? Daar wordt verschillend over gedacht.

Mrac van Oostendorp

Op het schoolplein vult de taal haar gaten. Er kwam een e-mail van een vriend uit het oosten van Nederland: “Mijn zoon (7) en mijn dochter (13) hoor ik iets zeggen wat mijn dochter (19) niet zegt: ‘Zag mij!’ of ‘Zag mijn gezicht!’” Ook andere kinderen hoorde mijn vriend zulke dingen zeggen.

De kinderen bleken er ongeveer mee te bedoelen: ‘Je had me (of mijn gezicht) moeten zien!’ Ik vroeg het na op Twitter. De overgrote meerderheid van de mensen die reageerden, had er nog nooit van gehoord, maar toch bleek de groep die het wél herkende groot genoeg om te veronderstellen dat er inderdaad iets aan de hand is wat groter is dan dat ene schoolplein.

‘Zag dit!’: geen vreemde constructie voor veel jongeren. (Foto: Tatiana Gladskikh / 123RF)

‘Zag dit!’: geen vreemde constructie voor veel jongeren. (Foto: Tatiana Gladskikh / 123RF)

Wringen

Er zit een tegenstrijdigheid tussen het gebruik van de gebiedende wijs – waarmee je iemand opdraagt om iets te doen: ‘Kijk!’ – en de verleden tijd. Het heeft immers weinig zin om iemand op te dragen iets in het verleden te doen.

Toch blijkt het Engelstalige standaardwerk Syntax of Dutch (SoD) wel over de constructie te schrijven. Het gaat dan over zinnen met een voorwaardelijke bijzin (‘Als …’) die ook in de verleden tijd is gesteld:

  • Als hij een slecht humeur had, borg je dan maar.
  •  Als hij je niet mocht, pakte dan je boeltje maar.

Voor mijn taalgevoel wringt er in die zinnen ook iets, maar kennelijk is niet iedereen het daarmee eens, want deze zinnen komen echt voor.

Zonder zo’n bijzin zijn er alleen voorbeelden in de voltooid verleden tijd te vinden:

  • Had dan ook iets gegeten!
  • Was dan maar wat langer gebleven!

Die voorbeelden vind ik wel goed klinken.

In zulke zinnen gaat het, anders dan in de nieuwe ‘Zag mij!’-constructie, over iets wat níét gebeurd is: de aangesprokene heeft niets gegeten en is niet langer gebleven. Dat wordt benadrukt door toevoegingen als dan ook of dan maar.

Stopte dan ook!

Bovendien staan die wijderverbreide constructies dus in de voltooid verleden tijd. Andere vormen van de voltooide of de verleden tijd zijn opvallend genoeg niet mogelijk:

  • Heb dan ook iets gegeten! [uitgesloten]
  • At dan ook iets! [uitgesloten]

Althans, over dat laatste zegt de Syntax of Dutch wel dat sommige taalgebruikers ze accepteren, maar ik hoor niet bij die taalgebruikers, en ik heb geen mensen kunnen vinden voor wie dat wél geldt. De grammatica geeft de volgende voorbeelden:

  • Stopte dan ook! Nu heb je een ongeluk veroorzaakt.
  • Dronk dan ook niet zo veel! Nu heb je een kater.

Ook in dit geval is echter duidelijk bedoeld dat het anders had gemoeten volgens de spreker: iemand had moeten stoppen en niet moeten drinken. En ook hier staat dan ook er waarschijnlijk niet voor niets bij.

Ik vermoed dat zo’n toevoeging verplicht is, en dat in ieder geval tot voor kort niemand ‘Stopte!’ zei. Maar daar zit dus duidelijk een gat in de grammatica – een gat dat mogelijk momenteel wordt opgevuld door de jeugd in het oosten van Nederland.


• Dit artikel verscheen eerder in een iets andere vorm op Neerlandistiek.nl.