Met zijn boeken over de voetbalwereld bereikt Michel van Egmond honderdduizenden lezers – ook notoire niet-lezers. Hoe doet hij dat? Een gesprek over humor, contrasten en de sporttas van Wim Kieft.

Kees van der Zwan

“Twee jaar geleden, toen ik terugkwam van vakantie, werd ik op het vliegveld aangeklampt door een man die op licht verwijtende toon zei: ‘Hé, jij bent toch die schrijver? Deze zomer had je geen boek! Ik lees maar één boek per jaar, in de vakantie: dat van jou. Nu moest ik het boek van mijn vrouw lezen, iets van Donna Tartt.’” Michel van Egmond vertelt het voorval glimlachend in een café in het centrum van zijn woonplaats Rotterdam. “Hij had gelijk: de verschijning van mijn tweede boek over René van der Gijp was vertraagd; het zou pas dat najaar uitkomen.”

Van Egmond is een enorm succesvolle schrijver. Hij won de afgelopen jaren maar liefst drie keer de NS Publieksprijs, voor zijn boeken over de oud-voetballers en voetbalanalytici René van der Gijp en Wim Kieft. Bij elkaar werden er van zijn werk ruim 900.000 exemplaren verkocht.

Wilt u verder lezen? Log dan hieronder in