Hoe is het om als taaltrainer voor anderstaligen zelf in de schoolbanken te zitten, en een cursus Arabisch te volgen? “Rondzwemmen in een vreemde taal, op zoek naar houvast.”

Irene de Pous

De taalvrijwilliger in de inburgeringsklas waar ik lesgeef, houdt een leeg A4’tje vlak voor haar mond. “B”, zegt ze. En daarna: “P”. Ze wijst naar het A4’tje. “Zie je dat bij de p het blad een beetje beweegt? En bij de b niet?” Ze doet het nog eens. De beweging is minimaal. Het verschil in de klank eigenlijk ook. Zeker voor cursisten wier moedertaal Arabisch is, blijken de b en de p keer op keer voor problemen te zorgen. Terwijl het – in sommige gevallen – voor de betekenis van een woord wel degelijk uitmaakt.

Wilt u verder lezen? Log dan hieronder in